De vakantie begint als je de straat uitrijdt... NOT!
Remko's Vakantiecolumn

Daar zitten we. M'n broer, zusje en ik. Op de achterbank van onze beige Renault 18 (FY-25-XL). Op de plek die eigenlijk bestemd is voor onze benen, liggen nu sporttassen, luchtbedden en slaapzakken. In een soort kleermakerszit zitten we achterin. M'n vader zit achter het stuur, m'n moeder daarnaast. Tussen haar benen de koelbox. Gevuld met zo'n 30 pakjes Wicky, broodjes ei en drie potten pindakaas, want dat hebben ze niet in Frankrijk.
Op het dak van de auto twee racefietsen en een skibox, gevuld met bagage. Achter de auto een volledig volgepropt karretje. Familie den Boef gaat naar Lit-et-Mixe, een badplaats aan de Atlantische Oceaan. Op driesterrencamping Les Vignes - met zwembad, tafeltennistafel en recreatieteam - zullen we 3 en halve week vakantie vieren. Camping Les Vignes is alleen nog ver. Zo'n 1146 kilometer om precies te zijn. Om 'lekker' door te kunnen rijden, vertrekken we daarom 's nachts. Dan kunnen jullie ook een beetje slapen, zegt m'n moeder.
Als we de straat uitrijden, vraag m'n zusje 'of we al over de helft zijn?'. Die vraag zal ze, tot we daadwerkelijk over de helft zijn, iedere vijf kilometer herhalen. Daarna vraag ze enkel hoe ver het nog is. Door een gebrek aan beenruimte komt er van slapen maar weinig terecht. In plaats daarvan opent m'n zusje haar Barbie-koffer, waarmee de achterbank binnen no time is omgetoverd in Barbie World. Of ik de Barbie-camper even wil vasthouden, vraagt ze. Ken en Barbie moeten namelijk een andere outfit aan. Al voor Breda is de stemming te snijden op de achterbank. Met een zak winegums probeert m'n moeder de situatie te redden. Het mag niet baten. Zal ik anders het bandje van tante Ria opzetten? Alles beter dan Barbie's, besluiten m'n broer en ik en we stemmen in. Van tante Ria krijgen we ieder jaar voor onze vakantie een cassettebandje, met daarop de nieuwste hits van Elly & Rikkert. Zo ook dit jaar. Voor we het weten galmen songs als Een Parel In Gods Hand en Er Kan Er Maar Eentje De Baas Zijn uit de speakers en is de rust voorlopig teruggekeerd.
Na vier uur rijden stoppen we voor het eerst op een parkeerplaats. M'n zusje moet plassen, m'n vader doet wat strekoefeningen, m'n moeder deelt pakjes Wicky uit en m'n broer en ik trappen een balletje. Binnen 20 minuten zit iedereen weer in de auto en kunnen we weer verder. Drie kwartier later en zo'n 60 kilometer verder (met een kar mag je maar 80), vraagt m'n broer waar zijn net nieuwe Rucanor-trainingsjack eigenlijk is. Ik had 'm net op de kar gelegd, is het enige wat 'ie zich nog kan herinneren. M'n moeder is, zachtjes uitgedrukt, not amused. 'Dat ding heb je twee keer aangehad!' Met een Engels dropje probeert m'n vader haar weer rustig te krijgen. Het lukt niet echt.
Als de borden Paris 50 aangeven, krijgen we van m'n vader een duidelijke opdracht: ik wil jullie het komende uur niet horen. Dat zit zo: Om Parijs heen rijden is heel moeilijk. Dat vergt uiterste concentratie. Gelukkig is de taakverdeling duidelijk. M'n moeder, met de ANWB Wegenkaart op schoot, navigeert. M'n vader voert uit. Wij houden onze mond. Toch gaat het mis. Als m'n vader te laat reageert op m'n moeders 'HIER RECHTSAF!, is het vooral de spanning voorin die om te snijden is. Daar kan zelfs de rol Mentos, in stilte aangeboden door de gehele achterbank, niets aan veranderen.
Het uiteindelijk achter ons laten van Parijs, komt de stemming ten goede. Terwijl m'n broer en ik auto's tellen met een Nederlands nummerbord, vraagt m'n zusje of we al over de helft zijn. Met de kaart erbij laat m'n moeder zien waar we zijn en waar we naar toe moeten. Het begint op te schieten. Als een trekvogel vliegt onze Renault 18 over de Franse tolwegen, op weg naar het Zuiden. Rustig stevenen we op onze eindbestemming af. Tot m'n vader, op een goed ogenblik, in zijn achteruitkijkspiegel kijk. "ONZE SPULLEN", schreeuwt hij terwijl 'ie tegelijkertijd het stuur omgooit en de auto aan de kant zet. Wat blijkt, het zeil over ons karretje is los geschoten. Met als gevolg dat een flink deel van onze bagage een paar 100 meter verder op de snelweg ligt. M'n vader denkt geen seconde na, springt uit de auto, rent een paar 100 meter terug, ontwijkt vrachtwagens en caravans en weet alle spullen weer veilig terug naar de kar te brengen. Vanaf de achterbank hebben wij alles gevolgd en onthalen mijn vader onder luid applaus. Bedolven onder winegums, Engels drop en Mentos rijdt hij verder. Wat een held.
Na zo'n 14 uur rijden, komen we eindelijk aan in Lit-et-Mixe. Op camping Les Vignes krijgen we een plek aangewezen vol in de zon. Wij willen meteen naar het zwembad, maar moeten eerst helpen de tent opzetten. De stickertjes op de stokken van onze De Waardtent hebben de winter niet helemaal overleefd, waardoor 'ie pas 2 uur later staat. M'n vader en moeder zakken volkomen uitgeput in een campingstoeltje. Wij krijgen onze zwemspullen en mogen zo lang wegblijven als we willen. De vakantie is begonnen!
Reacties
Annemijn 28-07-2010
Remko, dankje ;-) wat een bemoedigend stuk!! Ik ga vannacht weg naar Frankrijk...
Ik vraag me af of mijn broertje en ik elkaar heel laten...
Rudi K. 26-07-2010
Genieten dit! :) Schrijf mij maar alvast in voor deel 2 waarin de familie den Boef avonturen beleeft op de 3-sterren camping in Lit-et-Mixe.
Tweets die vermelden De vakantie begint als je de straat uitrijdt… NOT! - EO-Jongeren Weblog -- Topsy.com 26-07-2010
[...] Dit blogartikel was vermeld op Twitter door eojongeren, eojongeren. eojongeren heeft gezegd: Remko's Vakantie-column: 'De vakantie begint als je de straat uitrijdt... NOT!' http://tinyurl.com/3y6mqtr [...]















