Icon--search Icon--video Icon--play Icon--pause Icon--twitter Icon--facebook Icon-navIcon Icon--arrowLeft Icon--arrowRight Icon--audio Icon--photo icon--tag Icon--radio icon--contact volume-off Icon--volume-up

5 tips om je boosheid in bedwang te houden

'Hoe word ik geen knorrige mutshola?'

‘Ik ben ziek geworden en heb mijn baan verloren. Ik wil geen knorrige mutshola worden, iemand die altijd overal het nare van inziet, maar als het zo doorgaat, word ik dat wel. Ik merk dat ik nu al veel meer mopper op onze lieve kids. Hoe voorkom ik dat?’ Deze vraag probeert mentor en schrijver Reinier Sonneveld te beantwoorden.

Boosheid is een van de manieren waarop we reageren op gevaar. Als je ervaart dat je tekort wordt gedaan, is woede daarop een begrijpelijke respons. Of mopperen of knorrigheid, zoals in jouw geval, maar dat is gewoon kleine en ingehouden boosheid. 

God heeft ons geschapen met de mogelijkheid boos te worden, dus in de kern moet het wel gezonde en zelfs opbouwende emotie zijn. Er zijn prachtige dingen uit woede voortgekomen! Dat is in diverse onderzoeken bevestigd. In diverse biografieën van popartiesten heb ik al gelezen dat ze juist begonnen te schrijven toen ze ergens verontwaardigd over waren. En denk aan hoe Jezus het tempelplein opschoont. Er bestaat zoiets als creatieve boosheid, heilige woede misschien zelfs.

Toch wil je ervan af en dat snap ik wel. Boosheid kan ook veel kapot maken en onterecht zijn. Hieronder eerst een paar praktische tips en daarna ga ik in op de oorzaak.


1. Zeg nooit nooit of altijd
Als we boos zijn, hebben we de neiging alles uit te vergroten. Jij doet ook altijd... Ik kan ook nooit eens... Iedereen zit ook... Enzovoorts. Die woorden zijn zelden terecht. Verbied jezelf eenvoudigweg dat soort woorden te gebruiken. Oefen jezelf erin alleen nauwkeurig te verwoorden waarover je boos bent. Vraag eventueel je partner daar ook op door te vragen.

2. Tel tot 10
Dat klinkt heel kinderachtig, maar het werkt! Als de boosheid in je opvlamt, wacht dan. Zwijg gewoon. Tel letterlijk tot tien. De afleiding daarvan helpt al iets te kalmeren en rustiger te denken. Soms kan het nog beter werken gewoon even de ruimte uit te gaan en stoom af te blazen. Heel iets anders doen, zoals even een hapje eten, een computergame of darten, kan ook uitstekend helpen.

3. Maak er een gewoonte van te verzoenen
Maak het na een conflict altijd goed met elkaar. Ga niet gewoon verder, zonder dat je even expliciet tegen elkaar hebt gezegd, hoe belangrijk je voor elkaar bent en dat je ervan baalt dat het zo vervelend werd. Benoem dan ook je eigen aandeel en bied daar je excuses voor aan. Dit helpt om de volgende keer dat je boos bent, er iets rustiger in te staan.

4. Heb een beetje zelfspot
Je punt overdrijven, met een beetje ironie, kan heel aardig helpen. Dat is juist het omgekeerde als mijn eerste tip, maar dan ben je je ervan bewust en je laat dat ook merken. Als je in je vinger snijdt, kun je ook zeggen: ‘Dat heb ík weer! De volgende keer amputeer ik nog mijn been!’ Of zo. Humor geeft lucht, omdat je niet ‘in’ de emotie zit, maar een beetje afstand schept.

5. Houd het bij jezelf
Maak er geen ‘blame game’ van, waarbij je steeds maar naar de ander wijst en die beschuldigt. Probeer alleen te formuleren wat je ziet gebeuren en wat dat met je doet. Daarin kun je stiekem ook wel weer allerlei beschuldigingen verwerken, wees daar alert op.


Ervaar hoeveel je wel hebt
Hierboven geef ik 5 tips voor ‘the heat of the moment’. Dat is wel lastig, want daar kun je lastig mee oefenen. Juist als je boos bent, is het ingewikkeld om jezelf bij te sturen. Daarom is het ook zinnig na te denken over de diepere oorzaak van je kribbigheid. 

In jouw geval ligt het voor de hand dat het je ziekte is. Woede is, zoals ik al noemde, een reactie op gevaar, op onrecht, op tekort gedaan worden. Nou ja, dat kun je dus prima voelen bij ziekte.

Het kan dan helpen je te realiseren wat je allemaal wél hebt. Maak bijvoorbeeld elke dag een lijst van 10 dingen die je hebt gekregen. Eigenlijk staan we altijd in de plus! God heeft zo ontzettend veel gegeven.

Als dat tot je doordringt, vermindert het gevoel dat je vooral is afgenomen en kun je je concentreren op wat je allemaal nog kunt. Er is een mooi boek hierover, Duizendmaal dank, waarin een vrouw die zichzelf ook veel te chagrijnig vond, dit doet en er bijkans aan verslaafd raakt. In elk geval wordt ze een stuk gelukkiger.


Auteur: Reinier Sonneveld

Deel dit artikel:

Geef een reactie

Om reacties te kunnen lezen en/of schrijven moet je toestemming geven voor het plaatsen van cookies.
Klik hier als je toestemming geeft voor het plaatsen van cookies bij het bezoek aan de websites van de Nederlandse Publieke Omroep. Of pas hier je cookie-instellingen aan.