Icon--search Icon--video Icon--play Icon--pause Icon--twitter Icon--facebook Icon-navIcon Icon--arrowLeft Icon--arrowRight Icon--audio Icon--photo icon--tag Icon--radio icon--contact volume-off Icon--volume-up

BLOG | Van je naaste houden. Hoe doe je dat?

Blog van Henk Rothuizen

Ik was nog jong, een jaar of 10. Maar die ene preek van mijn vader is mij altijd bijgebleven. Hij sprak over hoe Jezus op een ezeltje Jeruzalem binnentrok. De mensen riepen luid “Hosanna” en het pad van Jezus werd versierd met palmtakken, alsof er een koning binnenreed. “Dat ezeltje, dat zijn wij”, sprak mijn vader. “Wij zijn de dragers waarop Koning Jezus en zijn koninkrijk deze wereld binnenkomt.” Hij voegde er op een humoristische wijze aan toe: “En denk nu niet dat die palmtakken en dat hosanna-geroep voor jou is! Als jij als ezeltje de Heer niet met je meedraagt, is er niets om voor te juichen!”

Ezeltje 
Die herinnering aan dat ezeltje schoot direct door mij heen bij de vraag: “God leert ons om van iedereen te houden, maar hoe die ik dat?” Want voor je het weet begin je met het ‘hoe doe ik dat?’ bij de ezel. En dan staat de deur naar flaters, missers, ongeïnspireerdheid en liefdeloosheid wagenwijd open. Als ik bij mezelf begin, komt er geen eind aan het geklungel en komt er zeker geen antwoord op de vraag.

God begint 
Het hele evangelie is een bevrijdend verhaal van God, die initiatief neemt. God die begint, omdat Hij weet en ziet dat wij vanuit onszelf eindeloos lopen aan te modderen. Hij komt naar deze wereld en Hij komt ons tegemoet. Wij ontmoeten Hem en nodigen Hem uit om ons leven richting te geven. En dan leert Hij om van onze medemensen te gaan houden. 

Openstaan en leren
God leert jou en mij om van anderen te houden. Dat is overigens geen les die je op een avond even snel leert. Het is ook geen bijbelstudie of een school met de vakken ‘agape-liefde’, ‘filio-liefde’ en nog een paar van die bijbelse uitdrukkingen waar wij in het Nederlands maar één woord ‘liefde’ voor hebben. De manier waarop God ons iets leert, is door onderdeel van ons te worden. Hij wil op onze rug mee te reizen in ons leven. Dat leren gaat dus het beste door Jezus uit te nodigen in alle dagelijkse dingen en open te staan voor zijn aanwijzingen. Die aanwijzingen zullen we soms goed, soms verkeerd verstaan. Soms zullen we deze niet eens horen. Het is een zachte stem, waar we aan gewend moeten raken, of gevoelig voor moeten worden.

Zachte stem
De zachte stem van God is de stem van aanmoediging en bemoediging die bij jou past. Het is niet de harde stem van de commandante met haar orders. Liefhebben is geen zaak van stoïcijnse gehoorzaamheid, maar van gehoorzaamheid in samenwerking: de berijder spoort aan en de ezel reageert. Die zachte stem wil doorklinken in wat jij doet naar die ander.
Het is de stem van de liefde die zoekt naar eenheid en wederkerigheid – communie. Een mooi woord waarin communicatie en unie of eenheid in doorklinkt.

Oefenen en afleiders
Die stem leren verstaan is een kunst net zoals blind typen. Als je dit aan het leren bent, gaat dat nog wel eens fout. Je typt Hnek in plaats van Henk. Niet goed, maar je bent duidelijk op weg. Hoe meer je oefent hoe sneller je het leert. Oefening baart kunst, zegt het spreekwoord terecht.

Maar er zijn ook afleiders die “ruis op de lijn” veroorzaken. De grootste afleiders die ik ken zijn de volgende drie, die alle drie door een andere  stem voortdurend in mijn hoofd worden opgewekt:

1. “Jij kan dit niet”, is de eerste. Mijn reactie was en is, om dan maar liever heel duidelijke orders te mogen ontvangen, zodat ik precies weet wat ik moet doen of zeggen en mij kan indekken tegen het falen. Gevolg: iedere vorm van communie gaat verloren, want de focus is niet langer die ander, maar mijn prestatie van strikte gehoorzaamheid.
2. “Ze zien je aankomen”, is de tweede, die direct appelleert aan de angst dat ik afgewezen ga worden als ik probeer enige vorm van liefde over te brengen. Met het nare effect dat deze stem vaak zoveel luider klinkt dan de zachte stem, die mij uitdaagt om de Heer bij de ander te brengen.
3. “Je bent niets waard” is de afleider die mij het diepste in mijn wezen raakt. Het gaat daarbij niet meer om wel of niet goed presteren, of wat de ander van mijn vindt, maar de diepe overtuiging dat ikzelf van geen enkele waarde voor God ben. Wat ben ik dan wel? Een nietsnut of een ezel?

Geliefde ezel
Die afleiders leren we overwinnen door te weten dat we geliefde kinderen van de Heer zijn. Meer dan een ezel, gelukkig maar! We zijn geliefd en worden geliefd. En die liefde drijft  alle angsten van afleiders uit. Weten geliefd te zijn en te worden is de sleutel naar groeien in het verstaan van die zachte stem. Ik heb de volgende tekst uit 1 Johannes 3:1 mij toegeëigend: “Bedenk hoeveel de Vader van ons houdt! Zijn liefde voor ons is zo groot, dat hij ons zijn kinderen noemt. En dat zijn we ook.” Het feit dat Johannes het nog even benadrukt met “en dat zijn we ook!” heeft hij volgens mij gedaan voor geliefde ezels zoals ik die beseffen dat de wereld zit te wachten op koning Jezus die het leven van anderen binnentreedt op de rug van ezeltjes, die beschikbaar willen zijn.

Geef een reactie

Om reacties te kunnen lezen en/of schrijven moet je toestemming geven voor het plaatsen van cookies.
Klik hier als je toestemming geeft voor het plaatsen van cookies bij het bezoek aan de websites van de Nederlandse Publieke Omroep. Of pas hier je cookie-instellingen aan.