Icon--search Icon--video Icon--play Icon--pause Icon--twitter Icon--facebook Icon-navIcon Icon--arrowLeft Icon--arrowRight Icon--audio Icon--photo icon--tag Icon--radio icon--contact volume-off Icon--volume-up

'God in Nederland': goed nieuws voor de kerk

Jan Wolsheimer wil minder kerkelijke activiteiten

Het rapport “God in Nederland” wat deze week verscheen deed veel stof opwaaien. Zo liet het rapport in niet mis te verstane woorden zien dat Nederland nu toch echt geen christelijke natie meer is, dat steeds minder mensen geloven in een persoonlijke God en dat het kerkbezoek dramatisch is afgenomen. Het is over met God in de lage landen. Klaar uit. Inpakken en wegwezen.

Sommige columnisten konden hun lol niet op en schreven in vlammende woorden hun frustratie over God en kerk van zich af in de landelijke dagbladen. Theologen en christelijke bloggers deden vreselijk hun best om de pittige uitkomsten van het rapport te duiden maar allen waren het over één ding eens: christenen behoren tot een kleine minderheid in ons land.

Happy
En ik? Ik voelde me helemaal happy. Ik hoop van harte dat dit rapport er aan zal bijdragen dat gelovigen eindelijk eens beseffen dat de kerk van het hart van de samenleving is verschoven naar de periferie van ons bestaan. Wat mij betreft de beste plaats voor de kerk van Jezus Christus: weg uit het centrum van de macht en terug als getuige in de marge van de samenleving.

Baas
De conclusies van het rapport bieden de kerken de mogelijkheid om hun bestaansrecht opnieuw te doordenken. Geen kerk die de ander wetten en geboden oplegt, maar een kerk die nederig dient en beschikbaar is voor wie dat wil, precies zoals haar grondlegger dat zelf voordeed. Ik stel me voor dat kerkenraden hun verkrampte handen rust gunnen en met een zucht van verlichting loslaten wat zij nooit écht vasthielden: de toekomst van de kerk. Niet langer strijden tegen het terreinverlies, maar overgave aan de Baas van de kerk. De kerk is niet dood, want haar Baas leeft!

Vergaderingen schrappen
Droom eens even met me mee wat er allemaal zou kunnen gebeuren als gevolg van dit rapport. Als mensen niet meer naar de kerk komen, dan heeft de kerk misschien eindelijk eens tijd om naar de mensen te komen. Gewoon door het te doen in plaats van er boeken over te schrijven of te lezen, conferenties over te beleggen of cursussen over te geven. Programma’s worden stilgelegd, vergaderingen geschrapt, commissies opgeheven en vrijwilligers verslindende kerkdiensten vallen stil.

Opleuken
Stel je eens voor wat er zou gebeuren als je niet elke week een paar dagen bezig zou zijn met het in stand houden van de kerkelijke bezigheden? Wat zou je een tijd overhouden! Want 82% van de Nederlanders komt toch nooit of bijna nooit naar je geweldige activiteiten. En nee, we gaan onze kerkdiensten ook niet meer opleuken met nóg betere muziek, nog scherpere beamers en nog betere sprekers. We zijn toch zeker Paul de Leeuw niet!

Lokken
De tijd die overblijft omdat we niet meer zo druk zijn met onszelf kunnen we mooi gebruiken om nieuwe mensen te ontmoeten in onze dorpen en steden. Mensen die allang een andere gemeenschap hebben gevonden. En omdat we blijkbaar geen goede reden hebben om deze mensen uit hun eigen gemeenschap naar de onze te lokken, sluiten we ons gewoon bij hen aan en gaan we meedoen in datgene wat er al gebeurt in onze directe omgeving, maar dan met de houding van een volgeling van Jezus. Echt zout zijn in een zouteloze samenleving. En zeg nou zelf, je kunt licht nou eenmaal veel duidelijker zien als je middenin de duisternis zit.

Obesitas
Geen geklonter meer van verveelde christenen die steeds maar weer nieuwe dingen willen horen terwijl ze al twintig jaar murw gepreekt zijn en massaal lijden aan geestelijke obesitas, maar gewoon mensen verspreiden in de samenleving als een netwerkkerk met bijzonder weinig organisatie en met bijzonder veel tijd en aandacht voor mensen. De kerk op missie. En mocht je meer willen weten over bepaalde onderwerpen omdat je er in de praktijk mee wordt geconfronteerd, dan is het vroeg genoeg om wat bij te leren.

Kleuren
Afgelopen maandag begon ik aan mijn eerste werkdag als buurtdominee in de Amsterdamse wijk Transvaal - een flink contrast met mijn gewone werk als voorganger van een drukke evangelische gemeente. Na maanden van voorbereiding en verkenning werk ik nu mee in een nieuw buurtcentrum op het meest zonnige plein van de wijk. Ik doe gewoon mee met wat er al is. In dit geval een kleurclub voor volwassenen en dus zat ik braaf na zo’n vijfendertig jaar samen met andere volwassenen een tekening te kleuren. Dat kleuren blijkt niet alleen goed te zijn tegen stress, het is ook een geweldig middel om een gesprek te voeren. Het viel me op dat geen van de aanwezigen ooit een dominee in het wild had gespot. En al snel lag ik onder een spervuur van oprechte vragen.

Rookpauze
Tijdens de min of meer verplichte rookpauze vertelde één van de aanwezigen me haar levensverhaal. Het raakte me diep en deed me beseffen hoe heerlijk het is om op een maandagmorgen een kleurplaat te kleuren in een Amsterdamse wijk en maar te zien wat er gebeurt. Geen urenlange preekvoorbereiding of kerkenraadsvergadering, maar gewoon aanwezig zijn tussen mensen die van zijn levensdagen niet naar de kerk zouden komen. En omdat ik geloof dat Jezus deze mensen op het oog heeft, hoef ik me zelf niet zo vreselijk in te spannen. Hij doet het werk. En ik? Ik kleur of mijn leven ervan afhangt.

Geef een reactie

Om reacties te kunnen lezen en/of schrijven moet je toestemming geven voor het plaatsen van cookies.
Klik hier als je toestemming geeft voor het plaatsen van cookies bij het bezoek aan de websites van de Nederlandse Publieke Omroep. Of pas hier je cookie-instellingen aan.