Icon--search Icon--video Icon--play Icon--pause Icon--twitter Icon--facebook Icon-navIcon Icon--arrowLeft Icon--arrowRight Icon--audio Icon--photo icon--tag Icon--radio icon--contact volume-off Icon--volume-up

Waar ga je heen als je dood bent?

Iedereen zal een keer sterven

Sinds mijn vrouw overleden is, vraag ik me steeds af, waar ze nu zal zijn. En natuurlijk zal ik ook een keer sterven. En dan? Ik ben bang. Hoe is het, na de dood?

Angst voor de dood hoort bij het leven van de mensen sinds Gods woorden op de mensheid van toepassing waren: 'Als je zondigt, zul je sterven'. De eerste mensen kregen een voorproefje wat dat ongeveer zou kunnen inhouden, toen ze de tuin van God moesten verlaten. De zonde bracht scheiding tussen de mens en God. De dood zou een definitieve scheiding betekenen: voor altijd zonder God.

Boos
De dood maakt God boos. Je ziet het als Jezus bij het graf van zijn vriend Lazarus komt: hij wordt boos en verslaat de dood (Johannes 11:33,38). Eerst door Lazarus terug te roepen, later door zélf te sterven en weer op te staan. Zo verloor de dood zijn rechten op hen die hun vertrouwen in Jezus zouden stellen.

Vijand
De dood is wel overwonnen, maar nog niet definitief uitgeschakeld. Dat komt nog, dat moment komt er wel aan, maar totdat Jezus terugkomt, is de dood nog een vijand, die het gemunt heeft op ons lichaam. Het lichaam is geen overbodige ballast. God heeft ons gemaakt om in eeuwigheid met geest, ziel en lichaam hem te dienen (1 Tessalonicenzen 5:23). Het gaat hem niet alleen om onze ziel, maar om ons als hele mens. Je lichaam is net zo wezenlijk voor je als je innerlijk: je karakter en je geloof. Het is niet vreemd of onnatuurlijk als je bang bent voor een vijand die je in het diepst van je bestaan treft.

Angst
Er verschillende soorten van angst voor de dood:

  • De angst voor de pijn en het ziekbed
    Natuurlijk zie je daar tegenop. 't Is natuurlijk geruststellen, dat er veel gedaan kan worden aan pijnbestrijding en hulp aan bed. Maar het lijden wordt daarmee niet weggenomen. Als christen mag je weten, dat ook in die omstandigheden de Heer nabij is en in het lijden deelt. In al onze benauwdheid is hij benauwd (Jesaja 63:9).
  • De angst om los te laten
    Als je sterft, laat je dierbare mensen en dingen achter. Hoe zal het verder met ze gaan. Je moet ze loslaten. Bezit, ambities en relaties – ze ziijn niet je eigendom, dat je moet vasthouden en verdedigen. Ze zijn uiteindelijk van God, die ze vasthoudt. Je mag er een tijd lang van genieten. Krijgen ze niet een heel andere betekenis voor ons als we ze zo zien? Als wij ze los (moeten) laten, gaat God met ze verder ....
  • De angst voor wat er na het sterven komt
    Elke dag ontvangen we als gave van God, die ook deze dag met ons meevoelt (Klaagliederen 3:23) om zijn barmhartigheid (= genadige goedheid) te bewijzen. Hij is een God van levenden en niet van doden (Matteüs 22:32). Voor Hem maakt de lichamelijke dood geen wezenlijk verschil. Daarom schrijft Paulus, dat sterven voor hem gelijk is aan 'met Christus' zijn (Filippenzen 1:23). Als je door Jezus' lijden met God verzoend bent, verandert er bij het sterven wel wat, maar toch niet zoveel: eerst is God bij jou, daarna ben jij bij God!

Bij Jezus
De Bijbel zegt niet zoveel over de toestand na het sterven. Wij zeggen wel, dat wie in Jezus gelooft "naar de hemel" gaat, maar ook dat staat maar één keer in de Bijbel (2 Korintiërs 5:1). Niet de plaats waar je dan bent, maar met wie je daar bent is belangrijk: met of bij Jezus (Filippenzen 1:23; vgl. 1 Tessalonicenzen 4:17). Daar gaat het om: je zult zijn bij Hem die jou liefheeft. Door het geloof in het verlossingswerk van Jezus ben je in een levende relatie met God gekomen. Hier op aarde ervaar je daar soms iets van. Maar dan zal dat volmaakt zijn.

Een nieuwe naam
Je krijgt een nieuwe naam (Openbaring 2:17), die niemand kent dan Jezus en jijzelf. Die naam drukt iets uit van die heel persoonlijke liefdeband die er is tussen hem die de naam geeft en jou. Je gaat niet op in het 'niets', in een oerzee, maar je bent en blijft een kostbare persoon, die met een koosnaam wordt aangesproken door de Allerhoogste.

Een nieuw lichaam
Je krijgt ook een nieuw lichaam. Je huidige lichaam is als een zaadkorrel, het nieuwe lichaam is het graan dat uit die korrel groeit. Het is je eigen lichaam, maar verheerlijkt en ontdaan van alle zonde en onvolmaaktheid. Je zult altijd bij God zijn als een evenbeeld van Jezus (1 Johannes 3:2). Dan ben je de volkomen mens, door niets gehinderd in het leven met God.

Auteur: Roeland Klein Haneveld

Geef een reactie

Om reacties te kunnen lezen en/of schrijven moet je toestemming geven voor het plaatsen van cookies.
Klik hier als je toestemming geeft voor het plaatsen van cookies bij het bezoek aan de websites van de Nederlandse Publieke Omroep. Of pas hier je cookie-instellingen aan.