Icon--search Icon--video Icon--play Icon--pause Icon--twitter Icon--facebook Icon-navIcon Icon--arrowLeft Icon--arrowRight Icon--audio Icon--photo icon--tag Icon--radio icon--contact volume-off Icon--volume-up

Wat is eigenlijk een kerk?

Lezersvraag: "Wat kun je temidden van alle kerkstromingen nog een kerk noemen?"

We kregen de volgende vraag van een lezer binnen: ‘Je hoort tegenwoordig veel over huiskerkjes. Sommige protestanten vinden dat geen echte kerk. Maar katholieken vinden protestantse kerken weer niet echt. Wat is eigenlijk een kerk? Wanneer kun je iets een kerk noemen?’ Schrijver Reinier Sonneveld probeert antwoord te geven.

Huiskerken zijn inderdaad een trend. Het lijkt goed te passen bij een cultuur die eenzamer en nepper wordt en dus verlangt naar contact en echtheid. Die zoeken mensen dan bij kleinere groepen waarmee je intensief omgaat. Ikzelf ben ook onderdeel van zo’n soort groepje en dat bevalt me al een jaar of 6 uitstekend.

Natuurlijk zijn dit soort huiskerken (ook wel emerging churches genoemd) ‘echte’ kerken. In Bijbelse tijden bestond er niet anders! Iedereen kwam toen samen in huizen, meestal van de wat rijkere leden, zoals Lydia, die dan ook meteen de leider was. Het zou wat wonderlijk zijn om wat bijvoorbeeld Paulus heeft gesticht nu met terugwerkende kracht niet ‘echt’ te noemen, omdat ze toen bijvoorbeeld geen paus, geen kinderdoop of geen kerkorde hadden...

Intussen kun je wel bedenken wat bij een ‘echte kerk’ hoort. De Bijbel biedt daar geen strakke definitie voor: daar is de Bijbel ook niet voor geschreven. Het gaat nergens over de grenzen van de kerk, niet in het abstracte tenminste. Je merkt wel een paar keer dat hevige onruststokers niet meer welkom zijn (en later soms weer wel) maar dat zegt nog weinig: dat gebeurt ook bij de gemiddelde voetbalvereniging, bedrijf of politieke partij.

De kerk is een Tweede Kamer
Je kunt wel iets afleiden van het woord dat de Bijbel gebruikt voor ‘kerk’ en ‘gemeente’: ekklèsia. Dat betekent letterlijk zoiets als ‘uit-roeping’. In het oude Griekenland werden steden geregeerd door koningen, die regelmatig hun burgers ‘uit’ hun huizen naar het stadsplein of in het theater ‘riepen’, om daar samen over belangrijke zaken te beslissen. Een soort grote Tweede Kamer dus. Een bijeenkomst van een groep mensen (lees: rijke, volwassen mannen) die de stad bestuurden, telkens als de koning hen samenriep.

Een ekklèsia was er dus niet voor de gezelligheid, hoewel het er gezellig kon zijn. Een ekklèsia was er niet voor het vermaak, hoewel het vermakelijk kon worden. Een ekklèsia was er niet om te leren, hoewel het leerzaam kon zijn. Een ekklèsia was er om je koning te helpen zijn rijk te regeren. Je was uitgekozen om hem bij te staan de hele stad tot bloei te laten komen, ook de vele mensen die niet bij de vergadering waren. Zoals ook de Tweede Kamer er niet voor de Tweede Kamer is, maar voor het land.

De grote Koning helpen
De eerste christenen hadden heel wat woorden kunnen kiezen voor hun eigen bijeenkomsten, maar ze kozen juist ekklèsia. Zij hadden namelijk ook een koning, Jezus, die hen samenriep om met elkaar te beslissen hoe ze zijn rijk konden verder helpen. En natuurlijk kon het er gezellig zijn, vermakelijk, leerzaam – maar daar ging het niet om.

De eerste christenen zagen zichzelf als ‘medewerkers’ van God. Hij regeert zijn wereld en zet daarvoor zijn mensen in om hun naaste omgeving verder te brengen. Andere beelden die Jezus daarvoor gebruikt is ‘bemesten’ (althans: zout zijn, maar dat was een onderdeel van kunstmest in die tijd) en ‘verlichten’ (en je zet een lamp niet onder de tafel natuurlijk).

Een kerk is dus zoiets als een Tweede Kamer. Of een vuurtoren. Of een mestbaal natuurlijk.


Auteur: Reinier Sonneveld

Deel dit artikel:

Geef een reactie

Om reacties te kunnen lezen en/of schrijven moet je toestemming geven voor het plaatsen van cookies.
Klik hier als je toestemming geeft voor het plaatsen van cookies bij het bezoek aan de websites van de Nederlandse Publieke Omroep. Of pas hier je cookie-instellingen aan.