Icon--search Icon--video Icon--play Icon--pause Icon--twitter Icon--facebook Icon-navIcon Icon--arrowLeft Icon--arrowRight Icon--audio Icon--photo icon--tag Icon--radio icon--contact volume-off Icon--volume-up

Zendelinge Eline: van grote mond naar kwetsbaar meisje

"Niemand zat op ons te wachten"

Eline de Boo vertrok met haar man naar Japan als zendelinge. “Maar niemand zat op ons te wachten.” Alles wat haar in Nederland tot iemand maakte, verliest ze in Japan. Haar grote mond werd gesnoerd en haar vangnet viel weg. Een kwetsbaar meisje bleef over, die met veel horten en stoten haar identiteit opnieuw ontdekte. “Het was heel pijnlijk om als een ui afgeschild te worden.” Inmiddels is ze met haar gezin terug in Nederland en vertelt ze hoe hun werk in Japan toch een succes werd.

“Hij weet wat het beste bij ons past”
In haar Leidse woning neemt Eline de Boo (1972) ruim de tijd voor het gesprek. Maar dat gebeurt wel tussen de drukte door.  Ze werkt aan een boek, is directeur van de Leidse stichting Present, is er voor haar man Geert en haar vijf kinderen en schrijft ze “een columnpje hier en een lezinkje daar”. Noem het onrust of noem het aangeboren nieuwsgierigheid: Eline houdt niet van een statisch leven. “We genieten van ons leven hier en nu in de stad, maar ik geloof dat de Here God op een dag weer iets anders voor ons in petto heeft. Als Hij roept, willen we opnieuw gehoorzaam zijn. Hij heeft ons gemaakt, dus Hij weet wat het beste bij ons past.”

Geestelijke en sociale ellende in Japan
Die overtuiging bracht hen ook naar Japan. Sinds Geert en Eline als student trouwden, leefde in hun achterhoofd het verlangen om iets in zending en pastoraat te doen. Dat verlangen werd sterker toen hun goede vrienden Gert-Jan en Rianne Segers naar Egypte werden uitgezonden. Na een oriënterend gesprek met zendingsorganisatie GZB werd Eline diep geraakt door een vacature in Japan. “Ik was verbijsterd. Slechts 0,2% is christen. En de sociale ellende greep me ook aan: hoge maatschappelijke druk, meer dan een miljoen jongeren die zich opsluiten in een cyberwereld, gebroken gezinnen, afwezige vaders, een negatieve toekomstverwachting.” Een paar dagen later had de vacature op haar man Geert hetzelfde effect. “Zodra ik hem zag, wist ik dat hij de vacature gelezen had. Hij was ook geraakt. We gingen dit doen.”

“Als je 10.000 kilometer van huis gaat wonen, weet je dat je een hoop opgeeft. Maar hoe diep dat zou gaan, wist ik niet.”

Ingrijpende veranderingen
Zo kwam de familie De Boo in 2003 in Japan terecht. In Japan volgden ze eerst een taalstudie, in Sapporo, een subarctische stad in het noorden van Japan. Het werd een periode waarin aan alle vastigheden in Elines leven geschud werd. “Als je tienduizend kilometer van huis gaat wonen en werken, weet je best dat je een hoop opgeeft. Maar hoe diep dat zou gaan, wist ik niet.”

Van een leven vol ontmoetingen, belandde Eline in een Japanse stad waar vrijwel niemand Engels sprak. “Ik kon met niemand communiceren. Dat is een van de ingrijpendste dingen die ik ooit heb meegemaakt. Ik ben gek op kletsen, wil altijd verbinding leggen. Maar dat lukte niet. Ik wilde bijvoorbeeld heel graag onze buurvrouw leren kennen. Zij woonde naast ons in het smalle woontorentje, elf hoog. Bijna wekelijks maakten we een aardbeving mee; dan moesten we onze voordeur opengooien, voor het geval de boel zou ontwrichten. Tijdens aardbevingen gilde zij altijd hysterisch. Ik wilde haar geruststellen, maar zij raakte alleen maar meer van streek als ik met haar probeerde te praten. Dat raakte me. Ik wilde zo graag met haar praten!”

Schil na schil viel af
Wij gingen naar Japan om mensen te dienen. Sterker nog, om Japan iets te brengen. Maar niemand zat op ons te wachten; mensen hebben nooit van Jezus gehoord, laat staan dat ze geloven dat ze Hem nodig hebben. Ze vinden Hem best interessant, maar daar blijft het bij.”

Eline gebruikt het beeld van een ui als ze over die periode praat: een ui die geschild wordt. “Schil na schil viel af. De schil van familie, de schil van taal, de schil van een veilige omgeving. En vooral de schil van iets kunnen, van nuttig zijn. Ik was in een enorme hoeveelheid vakken afgestudeerd, had een gave stage gelopen, een goede baan gehad. Dat maakte me in Nederland iemand! Al die zaken waren nu niet relevant.”

“Ik ben loeikwaad geweest. Ik wist heus wel dat mijn identiteit in Christus lag. Of zou moeten liggen...”

Wat bleef er over van de ui die gepeld werd?
“De kern. Een kwetsbare Eline, bij wie de grote mond en het veilige vangnet niet meer hielpen. Die heel eerlijk moest toegeven: ‘Here God, als U het niet doet…’ Ik moest het echt overgeven aan Hem. In die tijd werd een tekst uit 1 Tessalonicenzen heel belangrijk, waar staat: ‘Hij die u roept is getrouw; Hij zal het ook doen.’ Dat moest dan maar. Het had veel weg van een rouwproces… Mijn lieve moeder is vorig jaar overleden. In die periode herkende ik veel van het gevoel dat ik toen had. Het los moeten laten, de controle verliezen. Dat kostte veel verdriet. Ik ben loeikwaad geweest, en gefrustreerd! Ik wist, als christen, heus wel dat mijn identiteit in Christus lag. Of zou moeten liggen. Maar zo voelde het niet. Zeker de eerste tijd niet.”

Een klein, kwetsbaar meisje 
“Ik heb qua talenten en kansen best veel gekregen van de Here God, maar als het erop aankomt, blijft er dus weinig van me over: een klein, kwetsbaar mensje. Maar hoe kleiner ik zelf werd, hoe groter het kruis werd, dat fantastische kruis. Want ik kan het niet, maar Jezus wel, voor mij. Wat ik niet ben, is Hij. Toen ik dat kon aannemen, ontdekte ik dat mijn identiteit écht in Christus lag. Dat lukte, met horten en stoten.” Die identiteit hervinden, betekende niet dat Eline rustig bij de pakken neerzat. “Ik móést me nuttig maken. Dus ging ik, naast mijn taalstudie, de kinderen in de buurt Engelse les geven. Zo kwamen ook universiteitsstudenten die Engels wilden leren bij ons terecht. De vrouw van onze baas werd terminaal ziek; ik kon voor hen koken.”

Het leven is vaak te druk en te vlak
Na deze heftige start, kwam hun zendingswerk op gang. Geert en Eline spraken intussen vloeiend Japans. Een paar jaar later groeide de kerkplant in Tokio. Daklozenprogramma’s liepen, ze gaven noodhulp aan slachtoffers van de tsunami. “Nu, tien jaar later, is er een bloeiende, groeiende gemeente met drie dochterkerken. Je roept dan netjes dat het zegeningen van God zijn… Maar ondertussen voel je jezelf weer heel wat. Dus die identiteit in Christus…“

De kunst is, betoogt Eline, om die drukte en het succes niet je identiteit te laten bepalen, maar juist vanuit je identiteit aan de slag te gaan. “Voor mij heeft dat alles te maken met verlangen. Hoe groter mijn verlangen naar Christus, hoe meer ik al die andere dingen waarvan ik denk dat ze me waarde geven, opzij kan zetten. Dat verlangen is er vooral als ik geraakt word, door schoonheid, verdriet, zelfs door woede. Dat zijn de momenten dat ik besef dat leven zonder Hem niet mogelijk is. Maar het leven is vaak te druk en te vlak. In die cadans is het mijn gebruikelijke reflex om vooral naar mezelf te kijken. Wat heb ik nodig om me nu waar te maken, aan de verwachtingen te voldoen of heel simpel: om het vol te houden? Ik ben onrustig, ik houd van veel dingen tegelijk doen, nooit mag het saai zijn en iedere ontmoeting is een kans op een mooi gesprek.”

 Waar vind je rust?
“Het christelijk correcte antwoord is natuurlijk: ‘Ik vind rust in God’, en ten diepste geloof ik ook dat het waar is. Maar in mijn geval geloof ik dat de Here God vooral door mijn man heen werkt. Hij is een heerlijk rustig mens – God heeft ons niet toevallig aan elkaar gegeven. Hij kan goed op de rem trappen. Dat is soms hard nodig. Passie is iets moois en machtigs en meestal geeft het me reuzenveel energie. Maar het put ook uit.”

Japan kent geen genade
Die worsteling ziet Eline overal in Japan. “Het woord genade als in ‘tweede kans’ bestaat niet in het Japans. Je staat altijd in het krijt. Je moet sterk zijn. Terwijl je bij Christus met lege handen aan mag komen! Maar wát een bevrijding als mensen dat begrijpen en geloven. Wat een zegen als iemand Jezus leert kennen, die je vertelt dat je geliefd bent. Over identiteit in Christus gesproken: mensen die dat ontdekken, bloeien op. Ik zag hoe mensen letterlijk rechterop gingen lopen.”

Dezelfde boodschap in Nederland
En zó verschillend zijn de vragen van Nederlanders niet, ontdekt ze nu ze weer terug is. “Nederlanders zoeken net zo goed naar erkenning als Japanners. Eenzaamheid is hier ook een groot probleem. En ook hier zijn geld en status belangrijk, en verdrinken mensen in een stortvloed aan informatie. Daarom geloof ik dat je ook hier met dezelfde boodschap levens kunt veranderen. Daarom vertel ik mijn verhaal, en doe ik wat ik nu doe.”

Het volledige interview met Eline de Boo lees je deze week in Visie

Tekst: Pieter-Jan Rodenburg
Beeld: Ruben Timman

Deel dit artikel:

Geef een reactie

Om reacties te kunnen lezen en/of schrijven moet je toestemming geven voor het plaatsen van cookies.
Klik hier als je toestemming geeft voor het plaatsen van cookies bij het bezoek aan de websites van de Nederlandse Publieke Omroep. Of pas hier je cookie-instellingen aan.