In de zomer moet Henri Ruitenberg (46) het doen met kunstijs. Natuurijs vindt hij stukken mooier. 'Als het een beetje begint te vriezen, gaat mijn bloed al weer sneller stromen. Natuurijs is mijn specialiteit wat schaatsen betreft. Vroeger was ik op kunstijs ook wel goed en ik heb ook veel gewonnen, maar natuurijs... ja, daar heb ik iets mee. Mijn broer René trouwens ook. Natuurijs is toch heel iets anders dan rondjes draaien op de ijsbaan. Je gaat over vaarten en sloten rechttoe, rechtaan. Je hebt mooie, maar ook slechte stukken met scheuren en wakken. En het is veel mooier voor televisie. De cameramotor kan ook op het ijs. Die rijdt vaak naast de schaatsers.'
 
Henri is een echte marathonschaatser. Dat betekent op de kunstijsbaan meestal honderd rondjes van vierhonderd meter, maar op natuurijs ritten van wel tweehonderd kilometer. 'We rijden allemaal in ploegen. Per ploeg heb je vier man. Als er dan zo’n twintig ploegen rijden, ben je met tachtig man. Dan ontstaat er een heel ploegenspel met allerlei technieken.'