Icon--search Icon--video Icon--play Icon--pause Icon--twitter Icon--facebook Icon-navIcon Icon--arrowLeft Icon--arrowRight Icon--audio Icon--photo icon--tag Icon--radio icon--contact volume-off Icon--volume-up

Anna is nu Bram

'Als ik nu in de spiegel kijk, denk ik: het klopt'

Anna is nu Bram (15). Alsof alle puzzelstukjes op hun plaats vallen, zeggen zowel Bram als zijn ouders. "Vraag me niet hoe het zit", zegt hun voorganger Herweijer over de wens om van geslacht te veranderen. “In een diepe nood kun je alleen in de geest van Christus reageren en naast iemand gaan staan.”

Geen meisjeskleren, geen make-up en oorbellen, niet rondhangen met andere meiden en niet gezellig met haar moeder shoppen. Alles wat typisch ‘meisje’ is, wilde Bram als kind al niet. Zijn voorkeur ging uit naar stoere en jongensachtige dingen. Later werd Bram depressief en zonderde hij zich af. Hij zat vaak alleen op zijn kamer. Niemand, ook hijzelf niet, wist wat er aan de hand was. Totdat hij een documentaire bekeek over genderdysforie, het diepgewortelde onbehagen over het eigen biologische geslacht. ‘Dit ben ik!’ dacht hij. ‘Zo voel ik mij ook.’ Bram hield het nog jaren stil. Zijn ouders Peter en Eva vermoedden niets.

Puzzelstukjes
Tot twee jaar geleden. Toen kwam het hoge woord eruit dat Bram liever geen meisje wilde zijn. Eva: “Ik schrok, maar tegelijkertijd vielen alle puzzelstukjes op hun plaats. Al die meisjesachtige dingen wilde hij immers nooit. Maar hij was wel eenzaam en verdrietig. Ik dacht: ‘Hier moeten we doorheen, als hij maar niet meer zo diepongelukkig is.’ Dus we steunden hem onvoorwaardelijk in zijn wens om voortaan als jongen door het leven te gaan.”  
Peter: “Bram wilde altijd onzichtbaar zijn en hij wist dat zijn keus hem in de spotlights zou zetten. Daarom wist ik: zoiets verzint hij niet.”
Bram: “Ik liep met een geheim rond. Het was een opluchting toen ik het kon vertellen. Mijn ouders reageerden heel begripvol. Dat was fijn.”

Zielzorg
Peter en Eva namen na enige tijd contact op met Ds. Herweijer, voorganger van de kerk waarvan ze lid zijn. Zijn eerste reactie? “Tja, wat moet je ervan vinden? Anna was depressief en worstelde met een goede geest in een verkeerd lichaam. Dat is verschrikkelijk. Een van mijn principes is dat je in een dal nooit een belangrijke beslissing moet nemen. Mijn insteek is dat iemand eerst geestelijk moet herstellen. Omdat Anna  moeite had om uit haar isolement te komen, waren wij niet in de gelegenheid zelf met haar te spreken. Mijn advies aan haar ouders was wel om dat te blijven proberen. De rest zag ik als een gegeven. Anna liep inmiddels bij het VUmc in Amsterdam, waar ze een psychologisch onderzoek onderging. Daar gaan ze uitsterst consciëntieus om met de vragen rond genderdysforie.”

De grenzen van zijn zorg waren bereikt, besefte de voorganger. “De totale zielzorg is immers groter dan pastoraat. Daarom werken we als pastoraal team zoveel mogelijk samen met psychologen en psychiaters. Ik ga niet op de stoel van een arts zitten. Ik focus me op de relatie die Peter en Eva met Christus hebben.


Te midden van verdriet en wanhoop, is God met ons.

Diepe nood
Hoe kijkt hij vanuit Gods Woord aan tegen genderdysforie? Ds. Herweijer: “Je kan mooie theologische antwoorden bedenken, maar wat heb ik daaraan als iemand een diepe nood heeft? Dan wil ik een vraag begrijpen in plaats van ’m beantwoorden. Vanuit de geest van Christus en Zijn liefde wil ik naast iemand gaan staan. Genderdysforie is ingewikkeld. Vraag me niet hoe het zit. Vraag me niet waarom iemand met een goede geest in een verkeerd lichaam wordt geboren of met een zieke geest in een gezond lichaam. Het gebeurt. Heeft God dat gewild? Nee. Hij schiep de wereld goed en die was goed totdat het kwaad in de wereld kwam. We leven in een maatschappij die sociaal en cultureel helemaal de weg kwijt is. Maar daar kunnen we God niet de schuld van geven. Het goede van God is, dat Hij te midden van dat kwaad in onze duisternis komt, lees psalm 18 maar. Te midden van verdriet en wanhoop, is God met ons."

Dynamiek
De overige oudsten in de gemeenten dachten er net zo over. Ds. Herweijer stuurde een mail naar een vrij grote gebedsgroep binnen de gemeente. "Daarin heb ik de kaders geschetst: God treft geen schuld, Anna treft geen schuld, we gaan biddend om dit gezin heen staan en het geestelijk herstel laten we over aan God. Ik geloof in de dynamiek van gebed. De aanwezigheid, troost, kracht, herstel en wonderen van God zijn meer dan een mooi gevoel. Ze vinden daadwerkelijk plaats. Gelukkig hoeven we God geen ideeën te geven over wat een goede oplossing zou zijn. Kunnen we accepteren dat we soms de uitkomst niet zien? Kunnen we met vragen blijven leven?'"

Diabetes
Hoewel Peter zijn zoon steunde, dacht hij veel na over de ethische kant van een geslachtsverandering. Hij sprak met volwassen christenen, las overdenkingen en bad ervoor. “Ik merkte dat christenen er verschillend over denken. Dat ondervonden we ook binnen onze familie, die vond de veranderingen vrij pittig.” Peter kwam tot de conclusie dat genderdysforie een gevolg is van de zondeval. “Er kan dus iets misgaan bij de vorming van een mens. Wat ons betreft hoef je op Bram geen bevrijdingspastoraat toe te passen, net zo min als op gehandicapten.” 

Eva scherpt aan: “Ik kan er boos om worden als mensen er niets van snappen en toch een oordeel hebben. Onze oudste zoon heeft diabetes en we bidden dat hij geneest, maar tot die tijd moet je er wel mee omgaan. Hij gaat dood zonder insuline, Bram gaat geestelijk dood als hij als meisje verder moet. We hebben Bram somber, eenzaam en teruggetrokken gezien. Dan wil je maar één ding: je kind gelukkig zien. En als dit de oplossing is, dan is dat goed zo.”

Hond
Voelt Bram zich gelukkiger? “Ik wilde vroeger niet eens in de spiegel kijken. Als ik daar nu in kijk, denk ik: ‘Het klopt’.” Inmiddels heeft hij kort haar, draagt andere kleren, slaapt in een veranderde kamer en heeft hij een hond. Een cadeau van zijn ouders op de dag dat de diagnose genderdysforie werd vastgesteld. ‘Eindelijk’, want daarvoor had hij een lange weg afgelegd. 

Eerst stond Bram op een forse wachtlijst van het VU medisch centrum, voordat hij de diagnostische fase inging. Er volgden enkele maanden met tientallen onderzoeken en testen. Op dit moment krijgt Bram injecties met hormoonremmers die de puberteit uitstellen en de ontwikkeling tot vrouw stilleggen. Vanaf zijn zestiende krijgt hij injecties met mannelijke hormonen. Dan mag hij ook zijn identiteit schriftelijk laten wijzigen. Over een toekomst met eventuele operaties of relaties denkt hij nog niet na. “Voor mij ligt alles open.”

Stoer
De reacties uit zijn omgeving vielen mee, zegt hij. In zijn klas, 4 vwo, reageerden medeleerlingen neutraal tot positief. Een transgender kwam zelf voorlichting geven. De acceptatie werd daardoor makkelijker. Vindt hij aansluiting bij de jongens? “Mm ja, dat gaat wel. Nu kan ik eindelijk praten over dingen die mij ook interesseren. Ik zit alleen nog niet in die ‘jongenspuberteit’. Hun manier van denken en doen wordt beïnvloed door testosteron, terwijl dat bij mij nog niet zo is.” Een enkele keer wordt hij op school nageroepen: ‘Dat is een meisje!’ “Die mensen denken dat ik aandacht wil. Maar ze weten niet dat ik mezelf wil zijn: daarom moet ik dit doen.”

Kerk
Bram ervaart dat God het begrijpt dat hij ervoor gekozen heeft als jongen door het leven te gaan. “Hij weet wat ik denk en hoe ik het beleef. Een andere oplossing is er niet.” Begrijpen mensen in de kerk het ook? “Er wordt niet echt met mij gesproken en daar heb ik ook geen behoefte aan.”

Eva: “Sommige jongeren staren hem na; anderen willen weten hoe het zit.” Zowel Peter en Eva zeggen dat ze geen negatieve reacties hebben gekregen, niet uit de kerk en niet uit de buurt. Maar, zegt Peter eerlijk: “In het begin vond ik het wel lastig om ermee naar buiten te treden. Je schaamt je niet, maar het is ook niet vanzelfsprekend.”

Ds. Herweijer benadrukt: “De kerk is bij uitstek de plaats waar iemand zich welkom zou moeten voelen. Het zou niet goed als zijn als je je zorgen moet maken over afwijzing. In de gemeente van Christus reageren we met de houding van Christus, vol compassie. Soms merk ik bij geestelijke leiders de angst om duidelijk te zijn. De kerk zwijgt naar mijn idee te veel. Maar het beeld mag niet ontstaan dat de kerk ergens moeite mee heeft. Laat sommige vragen gewoon open en sla je armen om de mensen heen die diepe nood hebben.”

Namen in dit artikel zijn gefingeerd.


In de nieuwe EO-realityserie 'Love me Gender' volgen we vijf transgenders bij hun zoektocht naar liefde. Er zijn veel obstakels die ze daarvoor moeten overwinnen. Van eerlijk durven zeggen dat ze transgender zijn tot de vraag ‘Ben ik (nu) mannelijk of vrouwelijk genoeg?’. Een spannende zoektocht waarin ze vaak vooral zichzelf tegenkomen en geconfronteerd worden met de vooroordelen van de maatschappij. Zijn ze klaar voor de liefde en is de liefde klaar voor hen?

Love me Gender: vanaf 13 september elke dinsdag om 20.30 uur, NPO 3


Deel dit artikel:

Geef een reactie

Om reacties te kunnen lezen en/of schrijven moet je toestemming geven voor het plaatsen van cookies.
Klik hier als je toestemming geeft voor het plaatsen van cookies bij het bezoek aan de websites van de Nederlandse Publieke Omroep. Of pas hier je cookie-instellingen aan.