Icon--search Icon--video Icon--play Icon--pause Icon--twitter Icon--facebook Icon-navIcon Icon--arrowLeft Icon--arrowRight Icon--audio Icon--photo icon--tag Icon--radio icon--contact volume-off Icon--volume-up

‘Game of Thrones’ vergeleken met ‘The Lord of the Rings’

Wat is de moraal van elk verhaal?

De serie ‘Game of Thrones’ is populair. Er wordt veel naar gekeken en veel over gesproken. Anton de Wit bespreekt de serie op een andere manier door deze met ‘The Lord of the Rings’ te vergelijken. Wat zijn overeenkomsten en waar liggen de verschillen?

Ik werd ooit naar Game of Thrones gelokt met de mededeling dat die tv-serie wel wat aan The Lord of the Rings deed denken: met ridders, draken, veldslagen en Sean Bean die er als Ned Stark precies zo uitziet als hij er ook als Boromir had uitgezien. Klinkt goed! Al snel ontdekte ik dat er achter die oppervlakkige overeenkomsten toch heel grote verschillen schuilgingen. Westeros is geen Midden-Aarde. Game of Thrones is om te beginnen beduidend grimmiger, bevat meer seks en geweld. Velen zeggen dat de serie daarom ‘realistischer’ is dan The Lord of the Rings – een twijfelachtige kwalificatie in het fantasy-genre – en sommigen durven zelfs te zeggen: beter.

Dat laatste bestrijd ik met klem: hoe knap gemaakt ook, Game of Thrones komt qua zeggingskracht en diepgang bij lange na niet in de buurt van het werk van J.R.R. Tolkien. Dat is geen kwestie van smaak, maar van klasse: wat dat betreft is het alsof je een kindertekening met een Rembrandt vergelijkt, of een broodje kroket met een driegangenmenu in een sterrenrestaurant. Het zegt iets over onze tijd dat wij het verschil niet meer zien.

Maar goed, als tussendoortje vind ik de verwikkelingen rond de adellijke families van de Targaryens, Lannisters, Baratheons en Starks zeker goed te pruimen. Ik loop wel een beetje achter, ben zelf pas bij het tweede seizoen. Toch kan ik me niet druk maken over het gevaar van ‘spoilers’ nu de halve wereld zich opwindt over het net begonnen zesde seizoen. Is Jon Snow echt dood, of…? Het zal wel. Iedereen gaat dood in Game of Thrones, zoals ook iedereen het met iedereen doet, en iedereen elkaar al dan niet letterlijk messen in de rug steekt. We hoeven er niet van op te kijken.

Mensbeeld
Het mensbeeld dat uit Game of Thrones spreekt, is weinig opbeurend: de mens is hoogst wispelturig, verraderlijk, geneigd tot alle kwaad… Inderdaad, er klinkt iets calvinistisch door in het wereldbeeld van de schepper van dit fictieve wereldje, George R.R. Martin. Het gekonkel is eindeloos en uitzichtloos, uit zichzelf kan de mens deze gevallen toestand nooit oplossen, daar is uiteindelijk goddelijke genade voor nodig. Maar die lijkt dan weer volkomen te ontbreken in dit epos.

Incidentele goedheid is er wel. De personages zijn niet (of in elk geval niet allemaal en niet volledig) amoreel. Zo zagen we Jon Snow opkomen voor zijn zwakkere medemens, we zagen hoe Ned Stark naarstig zocht naar waarheid en rechtvaardigheid. Maar dat kostte Stark al in seizoen 1 de kop, en Snow schijnt nu dus ook dood te zijn…

Realisme
Mij doet de ‘moraal van het verhaal’ boven alles denken aan die van de roemruchte Markies de Sade (1740-1814): niet alleen vanwege de seks en het geweld die ook in diens verhalen de boventoon voeren, maar vooral ook vanwege de cynische wereldbeschouwing die er achter steekt. Tegen het brave schoolmeestermoralisme van ‘wie goed doet, goed ontmoet’, hamerde De Sade met sadistisch genoegen op ‘de tegenspoed van de deugd’ en de ‘voorspoed van de ondeugd’: wie een goed en aardig mens probeert te zijn, zal het bezuren; alleen de rotzakken schoppen het ver in deze wereld.

Dat geldt in Game of Thrones evenzeer, en juist dat maakt dat sommigen deze serie ‘realistischer’ vinden dan het meer idealistische The Lord of the Rings of The Hobbit, waarin moed en vriendschap en deugden nog wél tellen. Maar wat mij betreft is dit ook precies de reden waarom Tolkien grote, tijdloze literatuur creëerde, en Martin (en De Sade) niet. Het vergt weinig inbeeldingsvermogen om te zien dat de mens tot veel rottigs in staat is. Het vergt ook weinig scherpzinnigheid om op te merken, dat het goede niet altijd beloond wordt en het kwade niet altijd bestraft. Dat realisme doortrekt ook de verhalen van Tolkien. Maar tegelijkertijd laat hij zien, dat het kwaad wel degelijk overwonnen kan worden, niet door machtsvertoon of slimmigheid, maar door kleine daden van goedheid en medemenselijkheid. Daarin breekt Gods genade door, als een dunne reep licht door een gitzwart wolkendek.

Paradox
Een interessante paradox: in Midden-Aarde zijn geen kerken of tempels of andere zichtbare tekenen van een religieuze cultuur aanwezig, in Westeros wel. Toch is The Lord of the Rings een door en door religieuze vertelling, en Game of Thrones niet. En wel omdat godsdienst in de beleving van Martin een lege huls is, huichelachtig uiterlijk vertoon, terwijl het goddelijke voor de katholiek Tolkien alles zozeer doordringt dat hij er zelfs niet meer expliciet naar hoeft te verwijzen. God is impliciet alomtegenwoordig in The Lord of the Rings, en wordt heel opzichtig geweerd uit Game of Thrones. Dat is het essentiële verschil tussen die twee populaire epische vertellingen.

Tekst: Anton de Wit

Deel dit artikel:

Geef een reactie

Om reacties te kunnen lezen en/of schrijven moet je toestemming geven voor het plaatsen van cookies.
Klik hier als je toestemming geeft voor het plaatsen van cookies bij het bezoek aan de websites van de Nederlandse Publieke Omroep. Of pas hier je cookie-instellingen aan.