Icon--search Icon--video Icon--play Icon--pause Icon--twitter Icon--facebook Icon-navIcon Icon--arrowLeft Icon--arrowRight Icon--audio Icon--photo icon--tag Icon--radio icon--contact volume-off Icon--volume-up

'Het weer bepaalt hier alles'

Zendeling in koud en donker Groenland

Doordat de zee bevroren is, kun je het Oost-Groenlandse dorp Tasiilaq in de winter alleen bereiken per helikopter – als de weersomstandigheden het toelaten. Hierdoor zijn de tweeduizend inwoners, onder wie zendelingen Peter en Katharina de Graaf, soms wekenlang afgesloten van de buitenwereld. “We hebben geleerd minder te rekenen en meer te vertrouwen."

“Vandaag wachten we precies zes weken op twee pakketjes uit Nederland,” vertelt Peter de Graaf (37), om aan te geven hoe geïsoleerd Oost-Groenland is. Samen met zijn vrouw Katharina (32) zit hij op de bank in hun typisch Groenlandse, houten huis. We spreken elkaar via Skype. Tijdens het interview klinkt het gezellige gebrabbel van dochter Cora (6 maanden) op de achtergrond. Zoontje Joël (3) is naar de opvang.

Witte wereld
De geluidsverbinding is prima, maar het beeld dat via de webcam binnenkomt, is korrelig en onduidelijk. “Wacht, ik zal ons uitzicht laten zien,” zegt Peter. Hij draait het cameraatje richting het raam waarachter een witte wereld van besneeuwde bergtoppen en houten huizen zichtbaar wordt. “Het is hier nu half één ’s middags en de zon schijnt. Over twee uur is het alweer donker.” De temperatuur ligt twaalf graden onder het vriespunt. “Gelukkig is het niet altijd zo koud,” vertelt Katharina. “Vaak vriest het maar een paar graden.”

Alleen gelaten
Peter en Katharina wonen en werken sinds januari 2015 als zendelingen in Tasiilaq, een van de zes dorpen aan de oostkust van Groenland. Hoe zijn ze hier terechtgekomen? “Ik zou bijna zeggen dat je die vraag aan God moet stellen,” grapt Peter. Al heeft hij zelf ook best een idee. Jaren geleden verbleef hij met zendingsorganisatie Jeugd met een Opdracht een maand op Groenland. “Ik zag hoe mensen God leerden kennen en daarna weer alleen werden gelaten. Alsof je trouwt en daarna niet in de relatie investeert. Dat gaat natuurlijk nergens over. Mijn verlangen is juist dat mensen groeien in discipelschap.”

'De mensen in Tasiilaq hebben niets'

Zelfs geen Bijbel
“In Nederland zijn er talloze mogelijkheden voor christenen,” vult Katharina aan. “Je kunt naar de kerk, naar conferenties en naar concerten. Verder zijn er duizenden christelijke boeken en online preken beschikbaar. De mensen in Tasiilaq hebben niets wat hen kan ondersteunen om te groeien in hun geloof.” En dat is niet overdreven: er is zelfs geen Bijbel beschikbaar in de taal die op Oost-Groenland gesproken wordt. “Er is wel een West-Groenlandse Bijbel, maar dat begrijpt lang niet iedereen aan de oostkust. Verder is er geen literatuur beschikbaar en als je een conferentie wilt bezoeken, moet je het hele land doorreizen. Daar heeft bijna niemand geld voor.”

Studeren
Om zelf te kunnen communiceren met de Groenlanders, hebben Peter en Katharina voor vertrek Deens geleerd, een taal die een deel van de bevolking – gebrekkig – spreekt. Nu studeren ze iedere dag om het Oost-Groenlands zo snel mogelijk onder de knie te krijgen. Peter: “Je vraagt je misschien af: waarom hebben jullie niet gelijk Oost-Groenlands geleerd? Dat ging in Nederland niet, want het is van oorsprong geen geschreven taal. Bovendien is het omschrijvend. In Nederland zeggen we ‘knie’, maar zij zeggen ‘hetgeen waarop je leunt’. Dat is een totaal andere manier van praten.”

Hoe ziet een gemiddelde dag er voor jullie uit?
Katharina: “Naast het leren van de taal, organiseren we wekelijkse Bijbelstudies en zondagse diensten. Ook administratieve zaken nemen veel tijd in beslag. Zo loopt ons visum dit jaar af, dus we moeten op zoek naar wegen om een verblijfsvergunning te krijgen.”

Zo’n kerkdienst, hoe gaat dat in zijn werk?
Peter: “We maken gebruik van een soort kinderopvang. Het aantal bezoekers varieert van vijf tot twintig man. Ik preek in het Engels en onze lokale tolk is er meestal bij om te vertalen naar het Oost-Groenlands. Vervolgens leid ik de aanbidding met een gitaar. We zingen een paar nummers in het West-Groenlands. Ook hebben we een Opwekkingslied vertaald naar het Oost-Groenlands.” Peter begint te zingen: “‘Heilige Geest van God, vul opnieuw mijn hart…’ Ken je die? Dat is inmiddels een hit hier.”

'Dat zendingshuis gaat er komen'

Hoe is het om zo weinig materiaal beschikbaar te hebben?
Peter: “Lastig. We werken er hard aan om dat te verbeteren. Ik probeer nu het bekende boekje Waarom Jezus? van Nicky Gumbel vertaald te krijgen. Dat lijkt me mooi voor mensen die Jezus nog niet kennen.”

Geduld
Vanwege het gebrek aan faciliteiten, dromen Peter en Katharina ervan een zendingshuis te bouwen. Een gebouw waarin zij kunnen wonen, maar waar ook plaats is voor lessen, trainingen en samenkomsten. “Dit proces verloopt alleen zo enorm traag,” verzucht Peter. Katharina legt uit wat hij bedoelt: “We hadden een huis op het oog en er was zelfs al een koopprijs afgesproken, maar de koop is nooit van de grond gekomen.” De verkoopster is onbereikbaar en omdat er een huizentekort is, is het niet eenvoudig een ander gebouw te vinden. “We wachten af en blijven alert,” zegt Katharina. “Dat zendingshuis gaat er komen, we weten alleen niet wanneer.”

Vinden jullie het moeilijk om geduldig te zijn?
Peter: “Natuurlijk. Ik stond al op het punt om bouwmateriaal te kopen en dan gaat het niet door. Dan kun je jezelf wel voor je hoofd slaan. Het is een wijze les dat alles op Gods tijd gebeurt. Daarmee bedoel ik niet dat als dingen falen, Hij het kennelijk zo gewild heeft. Soms moet je even doorknokken. Maar deze tegenslag leert ons dat je niet alles wat je wilt in één keer voor elkaar kunt krijgen. Het belangrijkste is dat hier een groep gelovigen komt die trouw is aan God en die wil blijven groeien in geloof. Op dit moment is de groep nog niet bekwaam om een gebouw te onderhouden, dus moeten we er ook nog niet aan beginnen.”

Vertrouwen
“Wat dat betreft zijn we absoluut veranderd,” vertelt Katharina. “We zeggen nu minder snel: ‘We gaan dit of dat doen!’ Want door het klimaat of de cultuur hebben we al zo vaak meegemaakt dat dingen mislukken. We willen daarin meebewegen met God. Wat is Zijn plan?” Peter: “We hebben geleerd minder te rekenen en meer te vertrouwen.” Katharina: “Dat vraagt soms geduld. Gelukkig zien we ook veel mooie dingen gebeuren.”

'Soms moet je even doorknokken'

Zoals?
Katharina: “Vorig jaar zijn de broer van onze vertaalster en zijn vrouw naar onze Bijbelstudies gekomen. Ze dronken veel, maakten vaak ruzie en hij had haar meerdere keren bedrogen. Het huwelijk was slecht en zij wilde van hem scheiden. Inmiddels hebben we een jaar lang met hen meegeleefd en gezien hoe hun leven langzaam is veranderd. Ze hebben Jezus leren kennen en – zoals ze zelf zeggen – dankzij Hem een nieuw leven gekregen. Er is vergeving gekomen, ze zijn gestopt met drinken en durven elkaar weer te vertrouwen. Hun jongste zoon was vroeger altijd thuis, zodat hij kon bemiddelen als zijn ouders ruziemaakten. Nu heeft hij de vrijheid met vrienden op stap te gaan en te voetballen. Dat vind ik mooi.”

Jullie zijn in Groenland niet alleen man en vrouw, maar ook collega’s. Hoe bevalt dat?
Peter lacht: “We leren elkaar in ieder geval beter kennen.”
Katharina: “Ik ben blij dat we al een goed huwelijk hadden, anders hadden we het hier waarschijnlijk niet gered. In onze werkrelatie botsen we soms, omdat ik dingen op een andere manier wil aanpakken dan Peter. Dan moeten we compromissen sluiten.”

Patatje scoren
Wat Katharina het meest mist in haar huwelijk, is dat Peter en zij nooit iets leuks met z’n tweetjes kunnen doen. “Reden één: we hebben geen babysitter. Reden twee: er is hier niets te doen. Je kunt niet naar de bioscoop of een cafeetje. We zouden een sneeuwwandeling kunnen maken…” Peter: “Er zijn inderdaad wel wat dingen die je kunt ondernemen, maar even gezellig samen lunchen zit er niet in. Het leukste dat je kunt doen, is een patatje scoren in de cafetaria boven de gymzaal.”

Vinden jullie dat je veel offers moet brengen?
Katharina: “Natuurlijk moeten we offers brengen, maar ik denk dat iedereen offers moet brengen om Jezus te volgen. Ik denk niet dat wij het zwaarder hebben dan anderen."
Peter: “Jezus heeft over iedereen gezegd dat het niet altijd makkelijk zal zijn Hem te volgen. Bij ons is dat wat zichtbaarder. De kleintjes kunnen niet worden opgevangen door opa’s en oma’s en onze vrienden uit Nederland en Duitsland zien we weinig…”
Katharina: “Ik denk dat iedereen zo gemaakt is dat hij of zij de taak kan volbrengen die voor hem of haar is weggelegd. Dat maakt de omstandigheden niet altijd makkelijk, maar wij kunnen er gelukkig goed mee omgaan.”

'Iedereen moet offers brengen'

Op welke momenten kunnen jullie je ontspannen?
Peter: “Er staat een grote sneeuwpop op ons terras.”
Katharina: “Nu we de taal meer leren, wordt het contact met de Groenlanders leuker. We kunnen met elkaar lachen als een van ons iets doms heeft gezegd. Ook kunnen we simpele spelletjes doen en hebben we geleerd mee te gaan met de flow. Zo hadden we laatst bezoek en die man zei na een tijdje: ‘We moeten nu naar huis om onze zeehond te villen.’ Toen zijn wij gewoon meegegaan en hebben we gewacht tot we die zeehond konden eten. Het was een spontane, gezellige avond waarop we samen konden lachen. Daar heb ik van genoten.”

Wat zijn jullie toekomstplannen?
Peter: “We willen hier lang blijven. Dat kan best tien jaar zijn. Om Tasiilaq liggen vijf andere dorpen die geen toegang hebben tot het evangelie. Wij willen hier investeren in een kleine groep mensen en dat verder uitbreiden naar de omliggende dorpen. Zo hopen we dat mensen straks zelf in staat zijn hun landgenoten te bereiken.”

Lees hier meer over het werk van Peter en Katharina. Het complete interview staat deze week in Visie.

Tekst: Femke Taale
Beeld: Privécollectie


Geef een reactie

Om reacties te kunnen lezen en/of schrijven moet je toestemming geven voor het plaatsen van cookies.
Klik hier als je toestemming geeft voor het plaatsen van cookies bij het bezoek aan de websites van de Nederlandse Publieke Omroep. Of pas hier je cookie-instellingen aan.