Icon--search Icon--video Icon--play Icon--pause Icon--twitter Icon--facebook Icon-navIcon Icon--arrowLeft Icon--arrowRight Icon--audio Icon--photo icon--tag Icon--radio icon--contact volume-off Icon--volume-up

'Ook na de dood willen we dicht bij ons kind zijn"

Ds. Arie van der Veer blogt over de periode na de begrafenis van zijn zoon Peter

De mensen schrijven en zeggen dat ik zo dapper ben. Het is erg lief van ze. Maar ze hebben het mis. Weet u hoe ik me voel? In de Bijbel is sprake van mensen die vergeleken worden met geknakt riet. Zo voel ik me. Riet stelt al niet veel kracht voor, geknakt riet stelt helemaal niets voor. Als ik al iets van kracht laat zien, heb ik het ergens anders gevonden. Bijvoorbeeld in wat de Bijbel zegt: 'dat God het geknakte riet niet zal verbreken' (Jesaja 42: 3a).

Je kent de beelden van de drenkelingen op de Middellandse zee? Ik ben ook een drenkeling, in de zee van deze wereld. Wel geloof ik dat er in de buurt land moet zijn. Tegen iedereen om me heen schreeuw ik: 'we moeten die kant op!'. Ik leer deze dagen heel, heel veel.

Ik had tot nu toe al veel dingen meegemaakt, maar niet het verlies van een kind. De ervaringen van ziekte de aflopen tien jaar maakten mijn leven rijker. Nu ik het verlies van een kind meemaak (en je begrijpt, dat ik op zichzelf dáár niet blij mee ben), zal ik anderen nog beter kunnen begrijpen. Ik ontdek ook, dat er soorten verdriet zijn. Allereerst is er bij overlijden van een man of een vrouw, het verdriet van een echtgenoot. In onze situatie het verdriet van je man. Dat is verdriet waar ik gelukkig nog geen verstand van heb. Ik kan er daarom niet overschrijven. En ik wil dat ook niet. Dat verdriet is zo teer, zo kostbaar, zo intiem. Dat verdriet kan op internet geen onderwerp van gesprek zijn.

In mijn blogs vertel ik mijn eigen verhaal. Of verhalen die zich in de cirkel er omheen afspelen. De cirkel van het publieke domein. De cirkel van dominee zijn in een kerk. De grotere cirkel, omdat ik ook te vinden ben op televisie en radio. Het is de plek waar ik al jaren woon en werk. Ik heb daar ooit zelf voor gekozen.

Ik heb dat altijd gedaan om zoveel mogelijk mensen toe te roepen: ‘daar is land!’ Het gaat bij televisie inderdaad vaak om kijkcijfers. En ik verbaas me dat deze blogs door duizenden mensen gelezen worden. Maar niet om te horen: 'wat heeft die man een geloof en een kracht'. Want echt, God weet dat….. dat heb ik niet. Ik kan de man uit het evangelie heel goed begrijpen die zei: ‘ja, ik geloof, maar kom mijn ongeloof te hulp’. Het gaat om elkaar te helpen en te steunen in ons verdriet.

Over het verdriet van de kinderen schrijf ik ook niet. Ik praat nu wel heel graag met ze. We ‘WhatsAppen’. Ze stellen heel moeilijke vragen. Misschien leg ik nog wel een keer hun vragen aan jullie voor. Omdat het algemene vragen zijn. Vragen die jij wellicht ook heb. Vragen over de hemel, over waar die is, en of je daar ook ouder wordt. Ik ben reuze benieuwd naar jullie antwoorden. Verdriet is er in soorten en maten. 

Ik ontdek steeds meer, dat ook het verdriet van een vader en moeder verschillend is. Ik schreef er al een keertje over. Ik begrijp nu waarom in Jesaja 49 niet geschreven wordt over een vader, maar over een moeder. Niet over een man maar over een vrouw. Ken je die prachtige tekst: 
‘Een moeder zorgt toch ook goed voor het kind dat ze in haar buik gedragen heeft? Ze vergeet haar kind nooit. En zelfs al zou een moeder haar kind vergeten, ik zal jou nooit vergeten!’ (vers 16 Bijbel in gewone taal).

‘Je kind in je buik gedragen’, dat heb ik niet. Daarom heb ik eigenlijk helemaal geen verstand van het gevoel, het vaak diep verborgen verdriet, dat tientallen vrouwen in onze gemeente (en hoeveel zullen er dat in de samenleving zijn?) van wie het kindje voor de geboorte overleed. Wat hebben we dat verwaarloost. Ja, ik schrijf bewust ‘we’. Vroeger kregen zulke kinderen vaak geen naam en geen grafje.

Die gevoelens bij mijn vrouw en mij resulteerden vorige week in een opmerkelijk beslissing. Voor en tijdens de begrafenis wilde mijn vrouw al zo dicht mogelijk bij haar kind zijn. Nu zal dat ook gebeuren na onze dood.

We hadden en hebben al een plek in de hemel. Halleluja, zou ik willen zeggen. En weer klamp je je vast aan zo’n woord uit de Bijbel. Jezus heeft immers gezegd: ‘Wees niet bang. Vertrouw op God, en vertrouw op mij. In het huis van mijn Vader is plaats voor veel mensen. Daar mag je op vertrouwen. Want ik heb gezegd dat ik wegga om voor jullie een plaats klaar te maken’, Johannes 14: 1,2. Maar nu weten we ook ons laatste plekje op aarde.

Al maanden geleden spoorde mijn vrouw me aan om een graf te kopen. Ik schoof het wat voor me uit. We discussieerden over de plek. Voor Zwollenaren: op Bergklooster of op Kranenburg. Maar na de begrafenis vorige week moest het gebeuren. Met de onze andere zoon en daarvoor al met een stel kleinkinderen hebben we naar een plek gezocht: zo dicht mogelijk bij Peter. Het bleek dat je voor je sterven niet een graf kunt kopen. Maar wel reserveren. Dat heeft ze vrijdag met onze zoon, Peters broer gedaan. Ik ben er nu wel heel blij mee.

Gereserveerde plekken op aarde en in de hemel ☺ Het kan niet beter. En ondertussen leven we verder.Ik schreef vanmorgen aan iemand. Ik voel me als die boer uit Psalm 126:

Je zaait met tranen, maar draagt wel een buidel met zaad.

Ds. Arie van der Veer

Geef een reactie

Om reacties te kunnen lezen en/of schrijven moet je toestemming geven voor het plaatsen van cookies.
Klik hier als je toestemming geeft voor het plaatsen van cookies bij het bezoek aan de websites van de Nederlandse Publieke Omroep. Of pas hier je cookie-instellingen aan.