Visie op Facebook

Meepraten over films? Op de speciale Televisiefilm-Facebookpagina kunt u uw reactie achterlaten.

Dennis van der Geest over 'Rot op naar je eigen land'

Dennis van der Geest over 'Rot op naar je eigen land'

Jarenlang greep Dennis van der Geest collega-zwaargewichten vast, maar tegenwoordig pakt hij met beide handen nieuwe uitdagingen aan. Vanaf 20 januari presenteert de voormalig wereldkampioen judo het EO-programma 'Rot op naar je eigen land', dat bij voorbaat al PVV-Kamervragen opriep. "Je hoeft de krant maar open te slaan, of het gaat over dit onderwerp."

“U wacht op Dennis van der Geest? Die is er nog niet,” zegt een medewerker van het Haarlemse grand café dat pal tegenover de beroemde St. Bavokerk ligt. “Je kunt hem moeilijk over het hoofd zien, hè? Zodra hij binnenkomt, stuur ik hem naar u toe.” Een paar minuten later schuift de 1.96 meter lange ex-judoka aan achter een tafeltje bij een van de hoge ramen. Als hij over Rot op naar je eigen land praat, zijn debuut als tv-presentator, beginnen zijn ogen te stralen – net als wanneer het over judo gaat, of zijn gezin.

Niet allemaal PVV'ers

"We werden voor dit programma allemaal in het diepe gegooid,” vertelt Dennis bij een kopje koffie en een glas jus d’orange. “Ikzelf, maar ook de zes deelnemers met wie we tweeënhalve week hebben gefilmd. Dat waren trouwens zeker niet allemaal PVV’ers, zoals sommige media dit najaar suggereerden, maar mensen met sterk uiteenlopende opvattingen over vluchtelingen."

Overnachten bij angstige illegalen, ontmoetingen met geldbeluste mensensmokkelaars, meelopen met de grenspolitie, rondkijken in een groot vluchtelingenkamp: de draaidagen van Rot op naar je eigen land vormden een achtbaan van ontmoetingen, indrukken en heftige emoties. Om ons heen – het is lunchtijd – klinkt geroezemoes van stemmen en gekletter van servies, als Dennis nadenkt over de vraag wat hij als het hoogtepunt van de opnames heeft ervaren. "Een paar dingen hebben me wel geraakt. Sowieso de omvang en de complexiteit van het vluchtelingenprobleem. En de mensonterende, hopeloze situatie waarin velen zitten. Dat hebben we op allerlei plekken van zeer dichtbij gezien."

Linea recta teruggestuurd

Zomaar een straat in de Griekse hoofdstad Athene. Een illegale vrouw, haar 3-jarig kindje ernaast, en een vuilnisbak: dat beeld brandt nog steeds op Dennis’ netvlies. “Zij haalde eten voor hen beiden uit de prullenbak. En ze leefde in het volle besef dat ze elk moment opgepakt kon worden door de Griekse politie, en dan linea recta teruggestuurd zou worden naar haar moederland. Ik heb zelf drie kinderen, en als ik dan zo’n jochie naast z’n moeder bij de vuilnisbak zie staan, met zó weinig toekomstkansen... Daar word ik wel triest van. Dat we daar als tv-ploeg en als deelnemers bij stonden, was een breekpunt in het programma.”

Slapen bij doodsbange illegalen

Geen telefoon, geen geld en geen paspoort op zak: de zes deelnemers van Rot op naar je eigen land moesten zoveel mogelijk aan den lijve ervaren hoe het is om als vluchteling te (over)leven. “Het enige wat zij vooraf wisten, was dat het ‘iets’ zou zijn met vluchtelingen. In hoog tempo hebben we diverse landen bezocht en een omgekeerde vluchtroute afgelegd: van Schiphol naar een groot vluchtelingenkamp in Jordanië. Mijn rol was boven de partijen te staan en links en rechts de standpunten te polsen – en natuurlijk een beetje ‘prikken’.”

Deze serie is wel heel iets anders dan lichtvoetige programma’s waarin je meestal te zien bent, zoals ‘Ranking the Stars’. Waarom heb je ‘ja’ gezegd toen de EO je voor deze serie benaderde?
“Televisie maken vind ik erg leuk, daarom heb ik meegewerkt aan allerlei soorten programma’s, van entertainment- tot sportprogramma’s. Omdat ik dj ben en lezingen voor bedrijven, scholen en organisaties geef, is het ook handig dat je af en toe met je gezicht op tv komt. Maar mensen die mij beter kennen, weten dat dit véél meer bij me past. Het is een soort droom die uitkomt.”

Wat is die droom precies?

“Een maatschappelijk relevant programma presenteren dat heel erg ‘in het nu’ speelt, discussie op gang brengt en reality-elementen heeft: je krijgt niet veel kansen om zulke mooie televisie te maken! Je kunt de krant niet openslaan of het gaat over dit onderwerp. En iedereen heeft er een mening over.”

Zodra bekend was dat de EO deze serie op de buis zou brengen, zat de PVV hoog in de Haagse gordijnen en werden er zelfs Kamervragen gesteld.
Grijnzend: “Bizar, ja.”

En prompt kreeg je op social media van alles over je heen.
“Positieve reacties, maar ook negatieve. Iemand schold me zelfs uit voor NSB’er, terwijl ik alleen maar de presentator ben. En opmerkingen in de trant van: ‘Kaaskop Dennis moet zelf maar oprotten uit Nederland.’”

Raken zulke opmerkingen je?
Dennis haalt z’n brede schouders op. “Ach, dat heb je met sociale media, hè? Mensen geven hun mond een duw. Ik word er niet warm of koud van.” Na een stilte: “Je kunt het toch nooit voor iedereen goed doen. Ik geloof dat dit EO-programma een mooi middel is om de maatschappelijke discussie op gang te brengen – een belangrijke taak van de Publieke Omroep.”

Anonieme begraafplaats

“Ik denk trouwens,” zegt hij even later, “dat ons programma heftiger is dan de Australische tv-serie Go Back to Where You Came From, waarop het is gebaseerd.”

Wat heb je zelf als het heftigst ervaren?
Dennis legt z’n grote handen in zijn nek en zegt: “Op een gegeven moment waren we op het Griekse eiland Lesbos. Daar zagen we zwemvesten liggen die vluchtelingen gebruiken. Maar we kwamen ook op een begraafplaats waar mensen liggen die niet meer zijn dan een nummertje: Afghaan 1, Afghaan 2, Afghaan 3. Allemaal omgekomen in de golven. Anoniemer dan dat kun je niet sterven. Hoe wanhopig moet je zijn om een vluchtpoging in gammele bootjes te wagen?”

Hebben de opnames jouw kijk op het vluchtelingenprobleem veranderd?
“Vooraf had ik er geen uitgesproken opvattingen over. Tijdens de opnames hebben we dagelijks volop met elkaar gediscussieerd over de vraag hoe je het nou het beste kunt aanpakken. De ene deelnemer zei zus, de andere zo. Ik ontdekte dat ik mezelf in argumenten van elke deelnemer herkende. Dat onderstreept hoe ongelofelijk ingewikkeld deze problematiek is. Door de opnames ben ik wel sceptischer geworden, ja. Ik vraag me af of er überhaupt een oplossing is. Misschien... is dat een utopie.”

Een heel eenzame plek

Hij is ervan overtuigd dat zijn jarenlange judo-ervaring hem goed van pas kwam bij het maken van dit reality-achtige tv-programma. “Door de sport ben ik de hele wereld over geweest, en overal moest ik me zien te redden. De judomat is een heel eenzame plek. Je coach kan dingen roepen, maar uiteindelijk sta jij daar in je eentje tegenover iemand die maar één ding wil: jou op je rug smijten.”

Bij judowedstrijden analyseer je vooraf je tegenstander. In een tv-serie met zes deelnemers weet je niet hoe ze gaan reageren.
“Dankzij mijn sportervaring ben ik niet snel uit het veld geslagen; je kunt mij overal neerzetten en ik red mezelf wel. Al analyseer je een tegenstander nog zo goed, hij kan je altijd verrassen, bijvoorbeeld door zijn voet net even anders te plaatsen dan je had verwacht. Daar moet je continu op anticiperen. Net als in judowedstrijden wisten we bij de opnames vooraf niet hoe alles zou lopen, hoe de deelnemers op confronterende situaties zouden reageren – en op elkaar. Maar ik vond het super leuk om te doen. Meteen de eerste dag was er een enorme clash tussen hen. Het ontplófte gewoon! Zoiets kun je niet regisseren, en dat maakte de uitdaging voor mij des te leuker.”

Een gouden medaille

Heeft de voormalig wereldkampioen judo een gouden medaille verdiend met Rot op naar je eigen land? Lachend: “Voor mijn gevoel wel, ja. Ik ben heel trots op wat ik heb gedaan, en dat ik het góed heb gedaan. We waren op stap met een tv-ploeg van mensen met heel wat vlieguren. Daar heb ik enorm van genoten. De professionaliteit van de crew, de dynamiek, de drive om het beste programma te maken, het hoge tempo, de ‘rauwheid’: soms was het net of ik weer op de judomat stond. Een geweldig mooie ervaring.”

Jullie maakten behoorlijk heftige dingen mee, maar daarna begon het gewone leven weer. Jij hebt je gezin, draait als dj, verzorgt lezingen...
“Toen ik weer thuis was, en de jongens naar buiten zag rennen om in onze tuin te gaan spelen, schoot het wel even door me heen: wat een mazzel...”

Of: wat een zegen?
Hij leunt achterover en antwoordt: “Weet je wat ik lastig vind aan dat woord? Hoe zit het dan met die andere kinderen, zoals zo’n jochie van 3 in Athene...? Alsof zij gestraft worden. Nee, het is gewoon mazzel. Mijn wieg stond in Haarlem. Die van iemand anders in Syrië. Hier kunnen wij er een programma over maken, erover praten, de discussie op gang brengen, om iets te veranderen en een beetje hulp te bieden. Maar wíj zitten niet in Syrië, Griekenland of Afrika. Nee, hier, met een lekkere kop koffie. Dat zie ik echt als mazzel. Dit waren ook wel discussies die ik tijdens Op Zoek Naar God had. Ik kan me gewoon níet voorstellen dat God daarin een hand heeft. Mocht het anders zijn, dan zou ik me erg opgelaten voelen. Dat God zou zeggen: ‘Dennis, ga jij maar lekker in Nederland rondwandelen, dan doen we die anderen wel in Syrië...’

Als ik me goed herinner, verzekerde auteur Paul W. Young je in ‘Op Zoek Naar God’ dat Hij er de hand niet in heeft.
“Klopt. Maar het grappige is dat je zo weer iemand anders spreekt, die beweert dat Hij er wél de hand in heeft. Dat is – volgens mij – een probleem met het geloof. Ergens halverwege die serie zei ik: ‘Als jullie nou eens gewoon allemaal hetzelfde verhaal zouden vertellen, zou het voor mij een stuk eenvoudiger worden.’ Maar geloof is niet zo makkelijk.”

Is geloof voor jou net zo ingewikkeld als deze hele vluchtelingenproblematiek?
Hij wrijft over zijn knokkels en zegt: “Echt. Echt.”

Denk je nog vaak terug aan de ‘Op Zoek Naar God’-serie van 2010?
“Jazeker! Gisteren zat ik twee uurtjes met producent Jacco Doornbos te kletsen, dat is echt een vriend geworden. We hebben nog vaak contact en dan praten we over dat soort dingen. In die serie vertelde ik Paul W. Young (schrijver van De Uitnodiging, red.) hoe moeilijk ik het vind om te geloven dat God bestaat. ‘Geloof je in liefde?’ vroeg hij toen. ‘Bid dan tot liefde, want God is liefde.’ Dat is iets waar ik wat mee kon, al ben ik er nog steeds niet uit of Hij bestaat. Als God een bedoeling met mij heeft, wat is die dan precies? Over zulke dingen praat ik met Jacco. Dat ik mee heb gedaan aan Op Zoek Naar God, blijft een soort draadje dat door mijn leven loopt. Grappig. Geen idee hoe dat zich verder ontwikkelt, maar ik kan niet zeggen: ‘Oké, dat heb ik gedaan – strik erom en klaar.’ Ik zit er nu wéér over te praten, haha.”

Als een gebraden kippetje

‘Diep gaan, Dennis! Diep gaan!’ Zijn vader en voormalig coach Cor van der Geest heeft het hem tijdens loodzware trainingssessies eindeloos vaak voorgehouden. De top bereiken, vliegt je nu eenmaal niet als een gebraden kippetje in de mond. 

Tot op de bodem gaan, voor Dennis zit dat er al van jongs af aan in. “Toen ik via mijn management te horen kreeg dat men wilde kijken of ik een geschikte presentator zou zijn voor Rot op naar je eigen land, was ik super blij. Hoe vaak krijg je nou de kans om zo’n mooi en relevant programma te maken? Die uitdaging wilde ik graag aangaan. Voor mij was het een soort wedstrijd. Ik wilde bewijzen dat ik dit kan.”

Dat blijft ook na je topsportcarrière een rode draad in jouw leven, het beste uit jezelf halen?
Glimlachend: “Het wedstrijdgevoel zit er diep in bij me. Ik vind het zonde om niets te doen met het talent dat ik gekregen heb. Mensen met talent die dat verkwanselen? Daar kan ik slecht tegen. Tijdens de opnames voor Rot op naar je eigen land kwamen we op plekken waar buitengewoon intelligente ingenieurs al drie jaar niks deden. Daar kozen ze niet zelf voor. Maar als je de keuze hebt, moet je je uiterste best doen. Dat wil ik mijn kinderen ook meegeven. De uitdrukking ‘Tel je zegeningen’... Mede dankzij dit programma ben ik me weer bewust dat ik mezelf wat dat betreft wel in mijn handen mag knijpen."


Tekst: Gert-Jan Schaap
Beeld: Jacqueline de Haas
Bron: Visie 2015, nr. 3


De 4-delige serie 'Rot op naar je eigen land' wordt uitgezonden van:

Dinsdag 20 januari t/m vrijdag 23 januari 2015
om 21.15 uur op NPO 2

Kijk voor meer info op de website: eo.nl/rotop

Doe hier ook de test: Ben jij slimmer dan een vluchteling?