Jacquelien voelt zich moeder van 26 drugsverslaafden: “Ik houd gewoon van deze mensen”

20 mei 2021 | Leestijd 4 min

Jacquelien Schot werkt al elf jaar op Domus ‘De Hoek’. In het pand wonen 26 chronisch verslaafden met een verstandelijke beperking en psychische problemen; een baan die geen dag hetzelfde is en met de nodige spanning inbegrepen. Maar als er op een middag brand uitbreekt op de locatie komt het besef hard binnen: “Ik houd gewoon van deze mensen.”

De bewoners hebben allemaal een actieve verslaving en dat speelt een belangrijke rol in hun leven. In de ‘Domus’ mogen de bewoners drugs gebruiken en doel van Jacquelien is niet per se hen van de drugs af te halen, maar hun leven om het drugsgebruik heen zo mooi mogelijk te maken. “Afkicken is voor de meeste bewoners echt teveel gevraagd. Die zijn zo langdurig en chronisch verslaafd en hebben al zoveel trajecten doorlopen dat ze bijna overal opgegeven zijn. Dan is het de uitdaging toch iets met ze te bereiken.” 

“Mensen hebben vaak een vertekend beeld van onze bewoners’, vertelt de 56-jarige Jacquelien, maatschappelijk werkster op de locatie, maar voor de bewoners een moederfiguur. “’Ze gebruiken alleen maar’ of ‘wat moet je met die junkies’, hoor ik in mijn omgeving. Ja, ze gebruiken, maar het zijn ook mensen.”

Messen en bedreiging

Dat beeld begrijpt ze aan de ene kant wel. “Ze hebben stuk voor stuk een verslaving en vaak ook moeilijk gedrag. Door het middelengebruik kan een ruzietje al gauw uit de hand lopen” vertelt Jacquelien. Tijdens haar werk heeft kwam ze meerdere keer in een zeer heftige situatie terecht: “In een opwelling door gebruik of psychose van bewoners ben ik meerdere keren persoonlijk bedreigd. De meesten dragen tegenwoordig een mes bij zich en ook daar houd je rekening mee in je achterhoofd.”  

Ondanks de heftigheid probeert Jacquelien met iedere bewoner een oprechte band op te bouwen. “Met tatoeages en een ruig uiterlijk zetten ze een masker op, terwijl ze eigenlijk schreeuwen om gezien te worden. Ik probeer te zoeken naar de mens die daarachter schuilt.” 

Brand

Als in maart het pand zich langzaam vult met rook, neemt bij Jacquelien de paniek toe. “Een van de bewoners was nog boven en ik stond bovenaan de trap. Hij ging zijn kamer in om nog iets te pakken en kwam maar niet terug. Dat moment was zo angstig voor mij.” Jacquelien kwam tot het besef dat dit niet gewoon werk is voor haar, maar dat ze om de bewoners geeft. “Toen ik die twee benen door de rook heen naar beneden zag komen, voelde ik het door mijn hele lichaam: wat houd ik van deze mensen.” 

Bij ‘heftig’ werk wordt wel eens geadviseerd: laat het niet te dichtbij komen. Voor Jacquelien is dat geen optie. Haar band met de bewoners is juist haar kracht. “Ik keur de agressie die vanuit het gebruik voortkomt niet goed, maar ik kan vaak wel verklaren: hoe kan het dat iemand zo ver komt om dit te doen? Als je een band gaat krijgen met de mensen, dan weet je precies hoe iemand in elkaar steekt en hoe je daar verandering in kunt krijgen.” 

“Ik stond ertussen, ik was alleen en dacht: gaat dit goed aflopen?”

Kortgeleden kwam ze zelf als kleine vrouw tussen vier ruziënde mannen te staan. “Ik stond ertussen, ik was alleen en dacht: gaat dit goed aflopen? Totdat een andere bewoner het voor mij opnam. Dat zegt veel.” Niet met iedereen is de band even sterk, benadrukt Jacquelien. “Natuurlijk word ik door deze mensen ook wel eens teleurgesteld, maar ik heb gewoon geleerd echt geen verwachtingen te hebben, dan wordt elk stapje dat ze zetten een succes.” 

Ondanks de heftige ervaringen, de teleurstellingen en de onvoorspelbaarheid van werk kan Jacquelien zich geen mooier werk wensen. “Deze mensen voelen zich soms hun hele leven al afgedankt, als jij ze het gevoel kunt geven dat ze worden gezien en gewaardeerd, dat vind ik geweldig.” En soms krijg je daar dan iets voor terug: “De bewoners zeggen hier, Jacquelien werkt met haar hart en zo voelt dat ook.” 

Bekijk hier het hele verhaal van Jacquelien

Aflevering 9

Bekijk hier het hele verhaal van Jacquelien

Soep, Sores en Soelaas