
Leestijd: 5 minDoor Anouk van de Schootbrugge
Je staat op een bergtop, kijkt uit over de zee of wandelt door een stil bos. Ineens ontstaat er ruimte in je hoofd om stil te worden of te bidden. Hoe komt dat? En hoe kun je die ruimte ook tijdens je vakantie bewust creëren?
Twee uur per week in de natuur kan al een positieve uitwerking hebben op je mentale gezondheid, blijkt uit onderzoek dat werd gepubliceerd in het Britse wetenschappelijke tijdschrift Nature. Schrijver en stiltetrainer Mirjam van der Vegt is ook bekend met die positieve effecten van de natuur. “Als je uitkijkt op de hoge bergen of over een weidse zee, ervaar je letterlijk ruimte”, legt ze uit. “Je voelt je onderdeel van een groter geheel. Dat helpt om jezelf, je gedachten en emoties de ruimte te geven. Door dit vernieuwde perspectief komen er stoffen in je lichaam vrij die zorgen voor ontspanning en een gevoel van rust.”
Niet alleen een weids landschap brengt veel mensen tot rust, een wandeling door het bos kan dit ook doen. “Bomen geven zelf stoffen af die je gelukkiger laten voelen”, zegt Mirjam. “Zoals de geurstof pineen, afkomstig van een dennenboom. Verder word je in het bos omringd door patronen die God bewust zo heeft geschapen. Zoals de nerf van een blad, vleugels van vlinders, het ritme in een boombast of spiegelingen op het water. Die patronen zorgen voor orde. En orde brengt rust. Het bos biedt dus structuur in de chaos.”

Daarnaast ziet Mirjam een diepere reden waarom mensen God in de buitenlucht gemakkelijker ervaren: “Gods adem zit in de natuur verweven – Hij heeft alles zelf geschapen. Ik denk dat je dat voelt als je door de natuur loopt. Je wandelt door levende processen die gewoon hun eigen gang gaan. Daarmee geven ze je toestemming om jouw proces aan te gaan.”
De natuur kan dus helpen om ruimte te maken voor God. Maar betekent dat ook dat je Hem tijdens de vakantie vanzelf gemakkelijker vindt? “Juist op vakantie kan die ruimte weer verdwijnen”, zegt Mirjam, “doordat je dagelijkse ritme ineens wegvalt. Daarom kan het handig zijn voor een of twee gewoonten te kiezen die je structuur geven. Denk aan deze vakantie op een aantal psalmen mediteren, of dagelijks iets moois in je dagboek schrijven. Kies voor betekenisvolle ritmes voor jou.”
Ze noemt als voorbeeld de Engelse mystica en schrijfster Juliana van Norwich, die zichzelf gedurende de dag steeds opnieuw aan God aanbood. "Soms wel honderd keer. Dat haal ik niet", lacht Mirjam. "Maar het helpt mij om tijdens de vakantie een paar keer tegen God te zeggen: 'Heer, hier ben ik.' Daarna luister ik gewoon even. Dat hoeven maar vijf minuten te zijn, of bijvoorbeeld drie keer zeven minuten.
Dit verschilt trouwens niet veel van ons dagelijks leven, waarin we het moeilijk vinden om ruimte te maken voor God. Nu het vakantie is, hoef je het niet opeens je missie te maken om Hem te zoeken. Kies daarom voor een haalbaar ritme.”
Nog iets dat volgens Mirjam verrassend goed werkt: jezelf uitdagen. “Onze hersenen zijn erop gebouwd om met uitdaging om te gaan. Als je de hele vakantie gaat luieren in een hangstoel, word je daar op den duur waarschijnlijk niet ontspannener van. Ik geef mezelf daarom elke vakantie een kleine uitdaging, zoals een boek lezen of bomen schilderen bij de bomenverhalen uit de Bijbel. Je kunt ook een berg beklimmen of bewust een Bijbelgedeelte toepassen in je leven. Maar wees mild voor jezelf, je hoeft niets te bewijzen. God is er al.”
