
Jurjen ten Brinke: Hoe Psalm 66 hoop geeft zonder het lijden weg te poetsen
De Bijbel Open
vandaag · 09:00| Leestijd:5 min![]()
Update: vandaag · 09:00
De ene psalm is bekender dan de andere. Om eerlijk te zijn, ligt dat vaker aan de melodie dan aan de inhoud, aan wat Gods Woord ons leert.
Psalm 66
Heel de aarde, juich voor God,
bezing de eer van zijn naam,
breng Hem eer en lof.
Zeg tot God: 'Hoe ontzagwekkend zijn uw daden,
uw vijanden kruipen voor U, zo groot is uw macht.
Laat heel de aarde voor U buigen
en zingen, uw naam bezingen.' sela
Kom en zie de werken van God,
zijn daden vervullen de mens met ontzag:
Hij heeft de zee veranderd in droog land,
zijn volk trok te voet door de rivier.
Laten wij ons dan in Hem verheugen:
machtig heerst Hij, voor eeuwig,
zijn ogen waken over de volken.
Laat niemand zich tegen Hem verzetten. sela
Prijs, o volken, onze God,
laat luid uw lof weerklinken,
Hij heeft ons het leven gegeven
en onze voeten voor struikelen behoed.
U hebt ons beproefd, o God,
ons gezuiverd, gezuiverd als zilver,
ons in een vangnet gedreven,
ons een zware last op de schouders gelegd.
Strijdwagens zijn over ons heen gereden,
wij zijn door vuur en door water gegaan,
maar U bracht ons naar een land van overloed.
Ik zal met offers uw huis binnengaan
en doen wat ik U beloofd heb,
wat mijn lippen hebben toegezegd,
mijn mond in nood heeft gesproken:
'Vetgemeste schapen zal ik U aanbieden,
een geurig offer van rammen,
ik zal stieren en bokken slachten.' sela
Kom en hoor wat ik wil vertellen,
ieder die ontzag heeft voor God,
hoor wat Hij voor mij heeft gedaan.
Toen mijn mond hem aanriep,
lag een lofzang op mijn tong.
Had ik kwaad in mijn hart gevonden,
de Heer had mij niet gehoord.
Maar God heeft mij gehoord,
Hij heeft geluisterd naar mijn gebed.
Geprezen zij God,
Hij heeft mijn gebed niet afgewezen,
mij zijn gunst niet onthouden.
Psalm 66 is niet bij iedereen bekend, maar ik beschouw hem als een pareltje – omdat het goudeerlijk de rauwheid van het leven verbindt met het rotsvaste vertrouwen in God. De dichter roept ons op te luisteren naar wat hij wil vertellen (vers 16). En hij benadrukt dat we ontzag voor de Schepper moeten hebben. Met andere woorden: dat we Hem zien in zijn majesteit en almacht, wat leidt tot aanbidding.
God is erbij
Toch is het wel opvallend. De psalmdichter prijst God omdat Hij het toestaat dat hij en Gods volk zo veel erge dingen moeten meemaken (vers 10-12). God is aanwezig, dat is iets wat de dichter ziet. Immers: “Hij heeft ons het leven gegeven en onze voeten voor struikelen behoed” (vers 9). Alle ellende wordt samengevat als ‘door vuur en water gaan’; en God is erbij. Hij laat het allemaal gebeuren om ons te zuiveren, zodat we heel kostbaar worden (vers 10).
- Download de app
Nieuw: de gratis Visie-app!
Of je nu op de bank zit, onderweg bent in de trein of op vakantie in het buitenland: met één tik op je scherm duik je in hoopvolle verhalen, inspirerende interviews en alle digitale edities van Visie
Dat kun je alleen maar zeggen vanuit twee basisgedachten. Allereerst het besef dat we in een gebroken wereld leven, waar God níét de oorzaak van is. Hij heeft de narigheid ook niet bedacht om het als middel tegen ons in te zetten. En tegelijk is het waar dat God zó machtig is, dat al die ellende Hem niet in de weg staat om er iets goeds uit te laten voortkomen. Dat is precies wat we zien gebeuren bij Jezus’ lijden, kruisiging en opstanding. Waar mensen een punt zetten, maakt God er een komma van.
In perspectief
En de tweede basisgedachte is dat je moet ‘uitzoomen’. Dat het werkelijk helpt om naar het grotere plaatje te kijken. In deze psalm is dat: God loven en prijzen om wie Hij is. Als je naar boven kijkt, worden de issues waar jij doorheen gaat (hoe groot ze ook zijn, al heb je het gevoel te verdrinken) kleiner. Niet omdat het er niet meer is, maar omdat het in perspectief gezet wordt.
Als je met dát geloof mag leven, worden maar zo die andere Bijbelverzen waarin het over vuur en water gaat (in Jesaja 43:2-3) óók waar: “Moet je door het water gaan – Ik ben bij je; of door rivieren – je wordt niet meegesleurd. Moet je door het vuur gaan – het zal je niet verteren, de vlammen zullen je niet verschroeien. Want Ik, de HEER, ben je God, de Heilige van Israël, je redder.”
Dat houvast wens ik je van harte toe.






