Ga naar submenu Ga naar zoekveld

Monnik en zenleraar Gert Bremer: 'Ik ontdekte hoe vrij je kunt zijn onder een paraplu van regels'

11 juni 2021 | Leestijd 3 min

In de nieuwste aflevering van de podcast Levensbepalend gaat Elsbeth Gruteke in gesprek met Gert Bremer. Op verschillende cruciale momenten van zijn leven moest hij het bekende loslaten om vervolgens een nieuwe fase in te stappen. Na een lang proces kwam hij op zijn 29ste uit de kast. Het leven dat hij vervolgens opbouwde met zijn geliefde eindigde abrupt, waarna hij het klooster in ging. Ook dat liep echter stuk, zodat hij opnieuw de wereld in moest. Nu hij er-op terugkijkt, ziet Gert de breuken als Exodus-ervaringen. Uittochten die hem achteraf gezien veel hebben geleerd. Niet in de laatste plaats dat je niet te stevig aan je zogenaamde zekerheden moet vasthouden.

De weergave van Spotify vereist jouw toestemming voor social media cookies.

Toestemmingen aanpassen

Uit de kast

Zoals de meeste mensen, begon Gert in zijn puberteit zijn seksualiteit te ontdekken. In het Katholieke gezin waarin hij opgroeide werd er niet over gepraat, maar toch bemerkte Gert bij zichzelf dat hij niet zo was als anderen. En dat was niet goed, zo bleek toen een oom hem eens uitmaakte voor ‘handjeklap begonia’. Gert kreeg de indruk dat hij zich voor zijn homoseksualiteit moest afsluiten. Dat hield hij lang, vol. Ook na zijn verhuizing naar Amersfoort. ‘Ik had mijzelf ermee verzoend dat ik zo was, maar ik had het lef niet om het in mijn eentje te dragen.’ Pas op zijn 29ste, nadat hij zich jarenlang had opgesloten in zijn eigen gedachten, voelde hij eindelijk de ruimte om uit te komen voor wie hij was. Het was een bevrijding en het begin van een nieuw leven. Een leven dat hij samen met zijn geliefde tegemoet trad.

Naar het klooster

Aan dat voorspoedige leven kwam 23 jaar later een eind, toen de relatie strandde. De zekerheden waar Gert zich zo lang aan vast had gehouden, werden hem uit handen geslagen. Het bracht hem op een kruispunt: ‘Hoe ga ik nu verder?’ Het antwoord kwam ‘als een mes uit de hemel gevallen’: Gert deed zijn intrede in een klooster. In de abdij Maria Toevlucht in Zundert leerde hij een leven te leven waarin alle regie hem ontnomen was. Het werd een totale reset: ‘Ik heb gevoeld hoe vrij je wordt onder een paraplu van regels.’ Die vrijheid werd bezegeld met Gerts plechtige professie, waarbij hij zich voor de rest van zijn leven aan het klooster verbond en zijn wereldse staat en stand definitief liet varen.

Terug de wereld in

Althans, dat was de bedoeling. Maar Gerts bestaan als kloosterling liep uit op een nieuwe gedwongen scheiding. Hij ervoer het als een drama. ‘Ik wilde helemaal niet terug naar de wereld, maar ik moest wel.’ Hij kwam terecht in een appartement in Leusden, waar hij ervoor dat hij aan het randje van de afgrond stond. Zijn redding bleek zenmeditatie. Hij maakte er kennis mee gedurende zijn tijd in het klooster en nu was het zijn enige houvast. Hij leerde leven met het leven zoals zich dat aandient. Zoekend naar nieuwe perspectieven de Bijbel, God en zichzelf. ‘Dan denk ik: Yes, dit is het! Maar tegelijkertijd weet ik dat over een jaar alles weer anders kan zijn.’