Ga naar submenu Ga naar zoekveld

TEST: Welk type ouder ben jij?

Kinderen opvoeden is misschien wel de meest verantwoordelijke rol die je ooit in je leven gaat vervullen of al vervult. Best gek dus dat je daarvoor helemaal geen opleiding hoeft te volgen. We doen allemaal maar wat, toch? Of heb je uitgesproken ideeën over wat een goede opvoeding inhoudt? Doe de test en ontdek wat voor type ouder jij bent!

Deel:

1. De dag zit erop. Het is bedtijd voor je kind(eren). Hoe ziet dat er bij jullie uit?

  1. We hebben een vast tijdstip waarop onze kinderen naar bed moeten. Daar valt niet over te discussiëren, en dat weten ze.
  2. De bedtijd varieert. Als mijn kind aangeeft graag nog een programma te willen kijken of in de zomer langer buiten te willen spelen, passen we de tijd aan.
  3. Het tijdstip is voor ons minder belangrijk dan het ritueel rondom het naar bed gaan. We maken altijd tijd voor het dag-afsluit-ritueel. Dat betekent samen met mijn kind de dag doorspreken en nog een liedje zingen of een verhaaltje lezen.
  4. Als de kinderen moe zijn, gaan ze naar bed. Ze zijn oud genoeg om dat zelf aan te geven en ook om zelf naar bed te gaan.

2. Tablets en mobiele telefoons zijn niet meer weg te denken uit onze levens. Hoe gaan jullie hier in jullie gezin mee om?

  1. Wat een geweldige uitvinding! Wie weet steken ze er iets van op, en je hebt als ouder lekker je handen vrij.
  2. Tablets en mobiele telefoons komen er niet in, want het heeft een negatieve invloed op de creativiteit van onze kinderen.
  3. We volgen de richtlijnen die vanuit de orthopedagogiek worden gegeven. We gebruiken een kookwekker om de schermtijd af te bakenen.
  4. We hebben geen vaste regels, want het hangt van het kind af. Het ene kind kan zich makkelijker vermaken dan het andere kind.

3. Als wij ’s avonds rond 18.00 uur bij jullie binnenkijken, wat treffen we dan aan?

  1. Een gedekte tafel waar in rust en ordelijkheid wordt gegeten. Met mes en vork uiteraard.
  2. Om 18.00 uur? Geen idee. Er zijn altijd wat gezinsleden weg vanwege clubjes en sport.
  3. Een goede en vooral ook gezonde maaltijd is bij ons heel belangrijk. We betrekken de kinderen al bij het bereiden van de maaltijden, zoals het snijden van groente, bij voorkeur uit onze moestuin.
  4. We passen onze etenstijd aan op de kinderen. Als ze erg moe zijn, eten we eerder, of geven we de kinderen alvast een hapje en eten we zelf later. We willen graag een gezellige maaltijd, dus eten we altijd iets dat de kinderen ook lusten.

4. Vind je het belangrijk dat je kind een hobby en/of sport beoefent? En welke regels heb je hierover?

  1. Hmmm. Tja. Eigenlijk nooit zo over nagedacht.
  2. Ik vind het heel belangrijk dat mijn kind zich creatief kan uiten. Daarom mag het aan allerlei sporten en hobby’s ruiken, zodat het daarna een goede keuze kan maken waar hij of zij verder mee wil.
  3. Een kind kan zoveel leren door gewoon lekker buiten te zijn in de natuur. Dat is echt onderbelicht in onze samenleving. Dus laat het lekker een vuurtje stoken, of een hut bouwen. Daar kan geen club of sport tegenop.
  4. Ja, een sport en/of hobby is vormend voor je kind. Het leert hierdoor verantwoordelijkheid en bij een teamsport ook samenwerken. Maar tussendoor switchen van sport of hobby, daar doen we niet aan.

5. Heeft je kind een taak in huis?

  1. Een taak? Nee zeg, we zijn niet in Noord-Korea! Een kind moet lekker onbezorgd kind kunnen zijn.
  2. Uiteraard. Er hangt een corveelijst op onze koelkast, zodat iedereen weet wat er van hem of haar verwacht wordt.
  3. De taak die ons kind heeft, is om zichzelf te ontdekken. Daarom kiest ons kind elke maand een eigen ontwikkelproject uit. Zoals een keertje koken, of een huiskameroptreden geven.
  4. Als ze niet willen dat er beestjes gaan rondkruipen, moeten ze ervoor zorgen dat ze af en toe hun kamer schoonmaken en hun bed verschonen. Ik ga dat echt niet doen.

6. School en huiswerk: houd jij je hier als ouder(s) mee bezig?

  1. Nee zeg. School heb ik destijds ook zelf moeten doen. Kunnen ze best, en worden ze zelfstandig van.
  2. Met huiswerk heb ik niet zoveel. Wij hebben het liever over ontwikkelkansen. We vinden het bijvoorbeeld belangrijker dat ons kind leert om een vogelhuisje te timmeren, dan woordjes te stampen.
  3. Wij proberen onze kinderen zoveel mogelijk te begeleiden bij het school/huiswerk. Daarom is een van ons bewust minder gaan werken. Kinderen zijn nu eenmaal belangrijker dan werk.
  4. School is heel bepalend voor de toekomst van mijn kind. Dat betekent dus dat huiswerk altijd eerst af moet zijn, voordat ons kind andere dingen mag doen. Dat controleren wij uiteraard.

7. Hoe reageer jij als je kind gedrag vertoont waar je niet blij mee bent?

  1. Daar probeer ik mild en onbevooroordeeld naar te kijken. Ik stel mezelf de vraag: Waarom reageert mijn kind zo? Welke boodschap wil het hiermee vertellen?
  2. Negeren. Dat werkt altijd het beste.
  3. Met consequenties natuurlijk. Een kind dat niet leert wat wel of niet mag, vliegt onherroepelijk een keer uit de bocht.
  4. Blijkbaar zit mijn kind iets dwars. Ik probeer daarom mee te bewegen met het kind en geef positieve bevestiging.

8. Spelen omgangsmanieren een rol in jouw opvoeding? En zo ja, hoe?

  1. Omgangsmanieren zijn een inperking van de vrijheid van mijn kind. Daar wil ik ze niet mee belasten.
  2. Een goede opvoeding kan niet zonder duidelijke omgangsregels. Daar horen manieren bij, zoals ‘u’ zeggen tegen onbekenden en ze tafelmanieren aanleren.
  3. Respect is key. Dus ik zie graag dat mijn kind net zoveel respect geeft aan een miertje in de tuin, als aan de juf of meester op school.
  4. Als ze een harde boer laten, krijgen ze een tik.

Antwoorden

ANTWOORDEN OPVOEDTEST

Uitslag

Vooral C:

Vanuit grote zorg en betrokkenheid bij je kinderen probeer jij het leven van je kinderen zo goed mogelijk te laten verlopen. Maar… dat kan ook een tikje betuttelend of overbezorgd zijn. Jouw uitdaging is om je kinderen wat meer ruimte te geven. Opgroeien gaat niet zonder butsen of kleerscheuren. Teleurstelling, pijn en verdriet horen er ook bij; als ze daarmee leren omgaan, worden je kinderen juist sterker.

Vooral A:

Je hanteert duidelijke regels en bent van het slag ‘streng, doch rechtvaardig.’ Dat schept duidelijkheid voor je kinderen, maar… je verwachtingen kunnen ook te hoog zijn. Of je regels te beknellend. Jouw uitdaging is om je kinderen wat meer vertrouwen te geven. Ga eens in gesprek met je kind over de regels die jullie thuis hebben. Misschien ontdek je dan wel dat je kind al heel goed zelf afwegingen en keuzes kan maken.

Vooral L:

Alles komt altijd wel weer op z’n pootjes terecht, zo sta jij het liefst in het leven. Je geeft je kinderen veel vrijheid, weet soms niet eens waar ze uithangen. Die ruimte schept mogelijkheden waardoor je kinderen kunnen opbloeien. Maar jouw uitdaging kan zijn om je kind ook begrenzing te bieden. Blijf betrokken en geïnteresseerd in je kind, zodat je weet wanneer jouw ingrijpen of regels wel nodig en goed zijn.

Vooral H:

Je wilt je kinderen laten opgroeien tot verantwoordelijke wereldburgers die respectvol omgaan met alles om hen heen. Je hebt een kritische houding t.a.v. allerlei technologische ontwikkelingen en kiest heel bewust voor bijvoorbeeld een ander type onderwijs. Jouw uitdaging kan zijn om de leefwereld van je kind niet teveel te beperken tot ‘gelijkgestemden’. Laat je kind ook spelen of optrekken met vriendjes uit andere achtergronden en gezinnen (ja, ook waar de tv aanstaat, of waar ze gamen). Die diversiteit is alleen maar verrijkend voor hen.

Nieuw opvoedprogramma: Hoe gaat dat bij jullie thuis?

Mediagebruik, eetgewoontes, volle agenda’s met clubjes en sport… Allemaal opvoedkwesties waar je als ouder best je hoofd over kunt breken. In Hoe gaat dat bij jullie thuis?, het nieuwe opvoedprogramma van de EO, krijg je een kijkje in de keuken van een ander gezin. En dat levert momenten van herkenning, ontroering en verbazing op… Vanaf maandag 8 augustus iedere werkdag om 19.05 uur te zien op NPO1.

Geschreven door

Annemarie van den Berg

--:--