
Column
Leestijd: 3 minDoor Margje Fikse
Onlangs verscheen het boek Fopfeminisme, waarin de Amsterdamse cabaretière, columniste en De slimste mens-winnaar Lisa Loeb heel Nederland een spiegel voorhoudt: onze zogenoemde gendergelijkheid is een fabeltje.
Aan de hand van statistieken en de geschiedenis laat ze zien dat de vrouwenemancipatie in ons land is vastgelopen en vrouwen vastzitten in verborgen structuren van achterstelling.
Tijdens het lezen van haar boek dacht ik steeds: waarom herken ik dat geschetste beeld van de vrouw niet vanuit mijn eigen geschiedenis? Als ik naar mijn moeder kijk, die haar hele leven als boerin met mijn vader samen op werkte, heb ik toch een heel andere werkelijkheid gezien.
Zou het zo kunnen zijn dat op het platteland de balans tussen werk, zorg en gemeenschap beter en eerlijker geregeld is dan in de stedelijke bubbel?
Maar de echte, oer-Hollandse feminist staat allang met haar poten in de modder
Mijn moeder zat in de jaren zeventig en tachtig bij de Bond van Plattelandsvrouwen. Terwijl stedelijke activistes discussieerden over de ‘keukengevangenis’, deden de plattelandsvrouwen niet aan theorie, maar aan daden. Ze werkten gewoon mee op het land en met het vee.
Toen de mechanisatie toesloeg en de boerderijen moesten moderniseren, riepen de boerinnen niet om een quotum. Ze stroopten hun mouwen op. Ze volgden cursussen boekhouding en runden de complete bedrijfsvoering. En toen er extra geld nodig was om het gezinsbedrijf te redden, fietsten ze massaal naar het dichtstbijzijnde streekziekenhuis of de basisschool om te gaan werken in de zorg of het onderwijs. Niet om zichzelf te ‘bewijzen’ aan een patriarchaat, maar vanuit een diepgevoeld principe: we hebben elkaar hier gewoon nodig om te overleven.
Op het platteland was niet-werken simpelweg nooit een optie. De taakverdeling ging niet via een hippe app op je telefoon, maar op basis van nuchter pragmatisme: wie heeft er nu tijd en wie kan dit het best?

De ironie is dat de plattelandsvrouwen tegenwoordig nog vaak worden weggezet als ‘niet geëmancipeerd’, omdat ze meestal in deeltijd de vitale zorgsectoren overeind houden. Maar de echte, oer-Hollandse feminist staat allang met haar poten in de modder. Ze noemt zichzelf alleen geen feminist. Ze noemt het gewoon “je gezonde verstand gebruiken” en “aanpakken”.
Misschien moet Lisa Loeb, als ze echt wil weten hoe gelijkwaardigheid eruitziet, de Randstad verlaten en het platteland op rijden. Dan kan ze hier haar feministische hart ophalen.



Kom op 5 juni naar het grootste worshipconcert van Nederland
Ontdek meer