Ga naar submenu Ga naar zoekveld

Een burn-out confronteerde Lydia Zimmer met zichzelf

'Het is veel lichter geworden in mijn leven'

Dat zware stormen in je leven kunnen opsteken, hoeft niemand Lydia Zimmer (53) te vertellen. In 2015 confronteerde een burn-out haar keihard met zichzelf. “Op het dieptepunt smeekte ik God ’s avonds of ik wakker mocht worden in de hemel.”

Lydia is net terug van een zendingsconcertreis naar Zuid-Afrika. Samen met echtgenoot Marcel reed ze in vijf weken dik zesduizend kilometer door dit enorme land. In onder meer Port Shepstone, Jeffrey’s Bay, Knysna en Gordon’s Bay traden ze op voor kinderen en volwassenen, waarbij ze hun liedjes in het Engels en het Afrikaans zongen. “Voor mij voelde het echt als ‘de reis van mijn leven’”, vertelt Lydia enthousiast.

In welke zin?
“Ik ben in 1969, tijdens de Vietnamoorlog, geboren in Laos. Mijn ouders deden daar zendingswerk via OMF; de eerste vier jaar van mijn leven heb ik er gewoond. Daar liggen mijn vroegste herinneringen, al zijn die vaag. Vervolgens verbleven we twee jaar in Nederland, en tussen mijn 6e en mijn 15e woonden we in Zuid-Afrika. Negen jaar lang. Dat we weggingen, vond ik verschrikkelijk. Alsof mijn leven geknakt werd en daarna scheef doorgroeide. Avond aan avond vroeg ik: ‘Mag ik niet terug?’”

Je voelde je ontworteld?
“Nou en of. In Zuid-Afrika zat ik lekker in mijn vel. Het ging goed op school en ik had leuke vriendinnen. Het was hartverscheurend dat ik als puber alles moest achterlaten. Jarenlang heb ik nog zware heimwee gehad. Ik zei altijd: ‘Zuid-Afrika voelt voor mij het meest als thuis.’”

Juf voor zendingskinderen

Met vallen en opstaan vond Lydia haar draai in Nederland. Wat hielp, was dat ze via de kerk (Evangeliegemeente Ermelo) nieuwe vrienden en later ook Marcel leerde kennen.

Ik was obsessief bezig met het iedereen naar de zin maken

Ze trouwden toen Lydia bijna 22 was en kregen drie kinderen: een zoon, een dochter en nog een zoon. “Ze zijn 26, 24 en 21, dus allemaal volwassen.”

Je volgde de pabo, maar werd nooit juf?
Ze knikt. “Als kind vond ik het heel fijn dat ik in Zuid-Afrika gewoon naar lokale scholen kon gaan, terwijl andere zendingskinderen ergens intern moesten. Dus het leek me mooi om later juf voor deze kinderen te worden, zodat zij thuis konden blijven wonen. Daar is het nooit van gekomen, onder andere vanwege Marcel. Hij moest op een conferentie spelen en er was nog een zangeres nodig. Omdat ik hier thuis en in de kerk wel zong, vond hij dat ik dat wel kon doen. Van het een kwam het ander.”

‘Je móét stoppen’

De afgelopen jaren namen Marcel en Lydia een rits cd’s voor kinderen en volwassenen op. Samen gaven ze ook honderden concerten in allerlei kerken en zalen.

Wanneer tekenden de eerste contouren van jouw burn-out zich af?
“Twee jaar daarvoor, in 2013, kreeg ik last van een ‘frozen shoulder’: een ontsteking in het gewrichtskapsel, waardoor je schouder verstijft. Het begon links. Maar drie maanden later kreeg ik precies dezelfde klachten in m’n rechterschouder. Dat had mijn fysiotherapeut nog nooit meegemaakt, tegelijk aan beide kanten. Anderhalf jaar lang heb ik er flink last en pijn van gehad. Mijn armen kon ik amper gebruiken. Fietsen en autorijden ging niet meer; ik kon mijn haren niet wassen – dat moest Marcel doen –, enzovoort. Een drama, ook het slapen. En vooral verschrikkelijk pijnlijk.”

Dit is het enige gebed waarvan ik blij ben dat God het niet heeft verhoord

Lydia houdt haar handen op borsthoogte. “Ik kon mijn armen niet verder omhoog krijgen dan dit, en ook niet naar voren of opzij doen. Ondanks alles wilde ik graag doorgaan met onze optredens, maar de fysio waarschuwde: ‘Je móét even stoppen.’ Ik weet nog dat ik huilend in zijn kantoor zat, en uitbracht: ‘Maar dat kán ik niet.’”

Want?
“Dan zou ik mensen teleurstellen; ze rekenden op mij… Uiteindelijk ben ik, nog overstuur, naar huis gegaan. ‘Ik moet van de fysio stoppen met optreden’, zei ik tegen Marcel. Ik kon mijn therapeut de schuld geven, zo van: híj heeft het gezegd. Maar ergens diep vanbinnen wist ik al: dat ik het er zo zwaar mee heb, heeft een reden...”

Gaf het wel lucht dat je – noodgedwongen – even niets meer kon?
“Ja. Maar vooral omdat ik erbij kon zeggen: ‘Ik mag het niet van mijn fysio.’ Zo van: het ligt niet aan mij. Pas twee jaar later, in die burn-out, viel het kwartje en snapte ik waarom het lucht en ontspanning gaf. In mijzelf had zich jarenlang, zonder dat ik het doorhad, enorm veel spanning opgebouwd. Omdat ik het mensen constant naar de zin wilde maken, en aan hun verwachtingen wilde voldoen. Daar was ik obsessief mee bezig.”

Met volle kracht

Het was “iets tamelijk onbenulligs” waarmee haar burn-out zich opeens met volle kracht aandiende, blikt Lydia terug.

“Op een ochtend wilde ik een mailtje versturen. Uitgerekend toen ik op ‘verzenden’ wilde klikken, was de hele tekst opeens foetsie. Prompt raakte ik helemaal in paniek en vluchtte ik de deur uit. Ik pakte de fiets en ben een heel eind gaan rijden, terwijl de tranen over mijn gezicht liepen. Ik dacht: ik moet weg!”

Dat beschadigde bloemetje

Lydia’s ogen worden opnieuw vochtig bij de herinnering aan die ene oktoberdag in 2015. Geëmotioneerd: “Ik reed naar het bos en zei tegen God: ‘Heer, ik kan niet meer, ik kan niet meer! Help me!’”

Ze veegt haar tranen weg. “Gewoon, door zoiets kleins… Samen met Marcel ging ik naar de huisarts. ‘Ik denk dat mijn elastiekje op knappen staat’, zei ik. Met een paar weken rust zou het wel beter gaan, dacht ik. Toch moest ik later concluderen: het elastiek wás al geknapt. Toen ik dat eenmaal voor mezelf moest erkennen, daalde er een soort zwaarte op me neer. Ik kreeg paniekaanvallen, durfde de poort niet meer uit, had last van mensenvrees. Het werd nóg zwarter.”

Gingen de emotionele sluizen bij jou open?
“Joh, ik heb zóveel gehuild dat ik dacht: ik droog helemaal op. Kwam het ooit nog goed? Gelukkig zei Marcel al snel dat hij alle geplande concerten alleen zou doen. Zodoende kon ik – met hulp van een praktijkondersteuner en later een christelijke psycholoog – aan mijn eigen herstel werken.”

Wat heeft je vooral door die moeilijke periode heen geholpen?
“Ik heb veel lieve kaartjes gehad van allerlei mensen, toen ze eenmaal wisten dat Marcel voorlopig alleen zou optreden. Eentje, van een ouder echtpaar dat ik goed ken, raakte mij heel in het bijzonder. Er zat een droogbloem in. Door de post was dat bloemetje niet meer heel: allemaal losse blaadjes. Ik huilde toen ik de bemoedigende tekst las, en liep al naar de prullenbak om dat kapotte droogbloemetje weg te gooien.

HAAS ZIMMER6

Maar het was net of God tegen me zei: ‘Jij voelt je nu misschien waardeloos, zoals dat bloemetje kapot is, en niet meer is zoals het was. Toch gaan we er samen iets moois van maken.’ Dat bloemetje heb ik weer zo goed mogelijk in elkaar geschoven en er een foto van gemaakt. Die hangt nog steeds boven op mijn kamer.”

Waarom betekent dat beschadigde bloemetje zo veel voor je?
“Voor mij was het een ijkpunt, een belofte waaraan ik me op de zwartste momenten vastklampte: God gaat ook van mijn leven weer iets moois maken. Niet meer zoals vroeger, maar nog steeds mooi en waardevol.”

Vond je ook troost in muziek?
“O, ja. Áls ik naar de kerk durfde, zat ik altijd achterin. Jas aan, vlak bij de uitgang. Maar zinnetjes uit liederen die ik al jaren zong, sprongen er voor mij opeens uit.”

Lydia Zimmer 2

‘Ons verdriet wordt een lied’

“Neem het lied ‘God maakt vrij’. Het refrein – ‘Ons verdriet wordt een lied’ – raakte me zo… Als een belofte, en een gebed: wat ik nu meemaak, het verdriet en de pijn, mag dat straks toch weer een lied zijn voor iemand anders.”

Wat zie je als het dieptepunt van jouw burn-out?
“Die ene avond waarop ik God smeekte dat ik in de hemel wakker zou worden. Niet omdat ik depressief was, maar ik wilde uit die verstikkende, zwarte situatie waarin ik zat. ‘Heer, mag ik alstublieft in de hemel wakker worden?’”

Overduidelijk onverhoord.

Lachend: “Het enige gebed waarvan ik – achteraf – blij ben dat God het niet heeft verhoord!”

De weg omhoog

Stapje voor stapje hervond Lydia de weg omhoog. “Het was een loodzwaar en pijnlijk proces. Maar ik wílde er ook dwars doorheen. Omdat ik steeds scherper inzag hoe juist allerlei ingesleten patronen – mezelf continu aanpassen aan anderen, het hun naar de zin willen maken – mij in die burn-out hadden gestort. Nu heb ik veel meer geleerd dicht bij mezelf te blijven. Ik zou wel een boek willen schrijven met de titel Goddank voor mijn burn-out.”

‘Goddank’ zelfs?
“Ja. Ik gun niemand een burn-out. Maar als ik vooraf geweten had hoe goed het is geweest voor mijn ziel en dat ik er toch doorheen moest, was ik er liever eerder aan begonnen. Want het was een sleutel, een keerpunt. Ik ben helemaal op mezelf teruggeworpen en mijn identiteit werd laag voor laag afgepeld. Daardoor kon ik een stuk verwerking toelaten in mijn leven.”

Beeld: Jacqueline de Haas

De weergave van deze video vereist jouw toestemming voor social media cookies.

Toestemmingen aanpassen

Geschreven door

Gert-Jan Schaap

--:--