Ga naar submenu Ga naar zoekveld

Mirjam: ‘Mijn eetprobleem gaat nooit helemaal over, maar ik heb ermee leren omgaan’

Mirjam (38) vertelt openhartig over haar strijd met anorexia en boulimia

28 juni 2022 · Leestijd 8 min

Mirjam kampt van jongs af aan met een eetstoornis. Aan Eva vertelt ze openhartig over haar strijd: “De rode knop van m’n eetstoornis gaat aan als ik afwijzing ervaar. Dit zal nooit helemaal overgaan, maar ik heb ermee leren omgaan.”

Tegenover me zit Mirjam: een sprankelende knappe vrouw van 38 jaar. Getrouwd en moeder van vier kinderen. Ze heeft een dynamische baan waarin ze bruggen bouwt in in het bedrijfsleven. Mirjam deelt haar verhaal in de hoop dat anderen zich gesteund voelen en zichzelf hulp gunnen. Ze doet dit onder een pseudoniem. Mirjam: “Als het alleen mijzelf betrof, had ik hier met naam en toenaam gestaan. Ik schaam me niet voor mijn verhaal. Het is omwille van mijn kinderen dat ik ervoor kies om anoniem mijn verhaal te doen. Ik wil zelf het geschikte moment kiezen om er met hen over te praten.”

Zoektocht naar houvast

Mirjam: “Al zei iemand honderd keer dat ik mooi en slank was en al woog ik niks te veel: het maakte niet uit. Ik voelde me ongelukkig en dik.” Mirjam haalt bijna laconiek haar schouders op. “Een eetprobleem gaat niet over kilo’s. Ik probeerde grip te krijgen, zocht naar houvast. Er gebeurde zoveel in mijn leven en dat maakte me onzeker. Een van de weinige dingen waar ik zelf invloed op kon hebben was ‘mooi zijn' en 'afvallen’.

Aan de eerste jaren van mijn jeugd heb ik alleen maar liefdevolle herinneringen. Vanaf m’n tiende kreeg ik vaker het gevoel dat er iets niet klopte en dat zat me dwars. Ik kon er niets mee, sprak er ook niet over. Pas veel later werd me duidelijk dat er in die periode veel speelde tussen mijn vader en moeder. Zoiets heeft toch invloed op kinderen.”

Een glas water vond ik soms al te veel

Met dit onderbuikgevoel rolt Mirjam de puberteit in. “Ik weet nog goed dat ik zo graag mooi wilde zijn. Ik zag om me heen hoe andere meiden op hun eten gingen letten om dunner te worden. Dat kon ik ook! Rond mijn vijftiende had ik onder de knie hoe ik zo min mogelijk kon eten. Lunchpakketjes weggooien, het ontbijt en avondeten wegmoffelen. Ik had al snel door hoe handig het is om je vinger in je keel te steken. Wat een hongergevoel had ik in die tijd! Soms at ik dan toch een boterham of een koekje, maar ik zorgde dat ik die dan ook snel weer kwijtraakte. Zelfs een glas water vond ik soms al te veel gewicht.”

Dubbelleven

Langzaam maar zeker komt alles in Mirjams leven in het teken te staan van het vermijden of kwijtraken van eten. Haar moeder kreeg dit door en ging steeds beter opletten én controleren. “Mijn moeder checkte continue hoe lang ik naar de wc ging. Dan kon ik dus niks. Zodra ik op school kwam, was het eerste dat ik deed een toilet opzoeken. Ik werd echt een expert in boulimia. Ik had een dubbelleven. Want naast dit eetprobleem was ik naar buiten toe ook een hele goede leerling en speelde ik fanatiek basketbal. In deze sport kon ik mijn frustratie en ongemak kwijt.”

Haar eetstoornis helemaal verstoppen, lukt niet. Mirjam bezoekt GGZ-instellingen en psychologen: “Deze gesprekken zijn belangrijk geweest, maar maakten mijn strijd niet minder. Pas toen ik voor langere tijd opgenomen werd in een kliniek, kwam er een omslag.”

Niet ziek

Mirjams ouders zien dat het niet goed gaat en zetten alles op alles dat ze wordt opgenomen in de Ursulakliniek, een van de best bekendstaande klinieken voor mensen met een eetstoornis. Mirjam: ”In de Ursulakliniek kwam ik tussen meiden met ernstige anorexia of boulimia. Ik vind het nu onvoorstelbaar, maar ik zag mezelf in die tijd nog steeds niet als ‘heel ziek’. Ik wilde vooral lol trappen met de andere meiden en uitwisselen hoe je hier het beste kon afvallen. Dat was trouwens niet gemakkelijk. Doordat ik moest eten in de kliniek en niet gemakkelijk kon spugen, kwam ik in korte tijd gewicht aan. Je lichaam is blij dat er eindelijk weer voedsel binnenkomt en slaat alles heel actief op.”

Ik lag de hele nacht trillend wakker

Het aankomen van gewicht was voor Mirjam onleefbaar. “Ik spaarde antidepressiva en paracetamol op en tijdens een weekendverlof heb ik thuis een suïcidepoging gedaan. Ik overleefde, maar lag die hele nacht trillend wakker. Terwijl ik het geloof al jaren gedag had gezegd, kwamen er woorden uit Psalm 68 in m’n hoofd. Ik heb die nacht zachtjes gezongen Hij kan, én wil, én zal in nood, Zelfs bij het naad'ren van den dood, Volkomen uitkomst geven. Deze zinnen zijn belangrijk voor me geworden en zijn nog vaker teruggekomen.” Een paar dagen later vinden Mirjams ouders de zak met lege pilomhulsels: “Ik zag hoe verdrietig ze waren, maar hun verdriet kwam niet bij me binnen. Mijn emoties waren helemaal vlak.

Dan gebeurt er iets waardoor Mirjam, zoals ze het zelf noemt, ‘wakker’ schrok. Mirjam: “Een groepsgenoot sprong tijdens een weekendverlof van een flat. Ze overleefde dit niet. Net als de rest van de groep, schrok ik enorm. Mijn vriendin was dood! Ik zag ineens heel helder dat dít niet was wat ik wilde. Ik voelde voor het eerst heel sterk: ik wil leven. Vanaf dat moment ben ik m’n best gaan doen en ben ik aan mezelf gaan werken.”

Doodeng

Na twee opnames gaat Mirjam op zichzelf wonen, thuis wonen was geen optie. Mirjam: “In het begin vond ik het doodeng om ‘de grote boze buitenwereld’ in te gaan. In de kliniek was ik onder mensen die mij helemaal begrepen. Die veilige plek was ik kwijt.” Ze ontmoet Peter, de man waar ze meet trouwt. “Peter betekent enorm veel voor me. Hij was en is er altijd voor me. Het bijzondere is dat hij me niet probeerde te redden of te overtuigen. Ik had regelmatig 'zwakke momenten’ en dan hield hij me niet tegen om naar de wc te gaan. Op een rustiger moment, later, als ik er zelf over kon vertellen, luisterde hij naar me, zonder me te veroordelen.”

Wanneer Mirjam zwanger raakt, slaat de schrik haar echter om het hart: “Ik vond het verschrikkelijk! Ik had een enorme obsessie, of noem het angst, voor mijn buik. Maar, toen die buik er eenmaal was, was ik zo trots. Tegelijk was er nog veel strijd, want ik wilde echt niet meer overgeven, ik was bang dat ik het kindje zou schaden. Het is me gelukkig gelukt om niet over te geven tijdens de zwangerschap, al hebben Peter en ik heel wat avonden huilend op de bank doorgebracht. Ik heb hier zoveel steun aan gehad, daar ben ik hem nog dankbaar voor.”

Terugval

Na een aantal jaar waarin het goed gaat, spelen de problemen met eten opnieuw op voor Mirjam: “Ik raakte weer gefixeerd op eten en voelde sterk drang om over te geven. Peter zei toen heel resoluut: ‘dit laten we niet gebeuren’. Ik wist dat ik weer hulp nodig had, maar ik zat niet te wachten op de ‘bekende trucjes’ en voorspelbare gesprekken met psychologen. Ik heb er toen voor gekozen om naar een energetische therapeut te gaan. Deze therapeut luisterde uitgebreid naar mijn verhaal en legde daarna haarfijn uit hoe een verslaving werkt in je lichaam. Dit gaf mij zoveel inzicht. Tot op de dag vandaag val ik hierop terug.”

De rode knop van m’n eetstoornis gaat aan als ik afwijzing of persoonlijk onrecht ervaar

Mirjam: “Mensen die een verslaving hebben gehad, waar een eetstoornis onder valt, blijven voor bepaalde triggers. Ik stel het mezelf voor als een machine met vastgeroeste tandwielen. Deze machine in mijn psyche kan aangezet worden door triggers. De tandwielen gaan dan draaien en de eetstoornis komt op gang. Bij mij gaat de rode knop van de eetstoornis aan wanneer ik afwijzing of persoonlijk onrecht ervaar. Dit is zo’n inzicht voor me. Terugkijkend zag ik dat dit altijd zo heeft gewerkt.”

Gun jezelf hulp

Mirjam: “Als deze triggers zich voordoen, weet ik nu, kan ik me het beste even terugtrekken. Ik ga wel eens een stuk in de autorijden, zonder geld of pinpas. Dan kan ik onbelemmerd stilstaan bij wat er van binnen gebeurt – en ‘de machine’ weer uitzetten.”

Kan Mirjam zeggen dat ze van haar eetstoornis af is? “Nee”, zegt ze. “Een eetprobleem zal nooit helemaal overgaan. De stap is heel klein om er weer mee bezig zijn. Ik zie wel dat ik er steeds beter mee leer omgaan, maar de strijd draag ik altijd in en bij me.”

Mirjam ervaart veel steun aan haar geloof: "Doordat ik God opnieuw heb leren kennen, heb ik een beter besef van mijn identiteit gekregen. Psalm 68 zingt nog vaak door mijn hoofd en hart. Ik weet nu: ik ben boven alles moeder, vrouw en kind van God. Ik wil en ik mag leven.”

Aan de mensen die eenzelfde strijd kennen, wil Mirjam het volgende meegeven: “Je hoeft je nooit te schamen voor je eetstoornis. Gun jezelf goede hulp. Dit is voor iedereen anders. Het belangrijkste is dat je mensen vindt die jou zien zoals je bent. Die zien wat er bij jou speelt en veiligheid en inzicht kunnen bieden.”

Mirjams eigen naam is bij de redactie bekend

Geschreven door

Rianne Meijer

--:--