Navigatie overslaan
Sluit je aan
Uitgelichte afbeelding
© Nathalie van der Straten

Herman verzamelt nummerborden: 'Ik heb er ruim zevenduizend gehad'

Interview

Leestijd: 2 minDoor Pieter-Jan Rodenburg

Zijn vader kon op vakantie aan Duitse nummerborden zien waar een auto vandaan kwam. Dat fascineerde Herman Hallo (70) zo, dat hij een kentekenverzameling begon. “Ik hoorde bij de top tien verzamelaars buiten Amerika.”

Verzamelingen

Visie 11 gaat over sekten, waarin ook verzamelingen centraal staan. Bijna iedereen heeft weleens iets verzameld. Meestal ruimen we de boel na verloop van tijd weer op, uit ruimtegebrek of desinteresse. Behalve Tom, Rike en Herman. Zij krijgen geen genoeg van hun verzameling.

“Wat dit zo leuk maakt? Design, wiskunde, geschiedenis, geografie, alles komt samen in een nummerbord. Op het hoogtepunt van mijn verzameling had ik er ruim zevenduizend, maar in mijn huidige huis heb ik die ruimte niet. Er zijn er nog zo’n duizend over.

Toen ik in de jaren tachtig begon, kon je nummerborden uit de hele wereld krijgen door gewoon een briefje te sturen of iemand lief aan te kijken. Tegenwoordig vragen verzamelaars voor zeldzame exemplaren exorbitante prijzen. En dan komt de criminaliteit om de hoek kijken: in Oost-Europa wordt alles nagemaakt en je ziet het verschil met echt bijna niet.

Aan veel platen zit een mooi verhaal. Zo sprak ik de chauffeur van de IJslandse president aan en vertelde hem dat ik nummerborden verzamelde. Nou, zei hij, kom vanavond maar naar mijn huis, dan zal ik je wat laten zien. Die avond vertrok ik met een presidentieel nummerbord. En in 1989 bezocht ik tijdens een trektocht op mijn motor de Koninklijke Stallen in Zweden. Ik schoot er een lakei aan, die me naar een hoop rotzooi in de hoek van een stal bracht. Daar haalde hij de koninklijke nummerplaat uit: een kroon van Zweden en de getallen 1, 2, 3, 4 en 5. Die kon ik zó meenemen. Dat zou nu onvoorstelbaar zijn.”