
De Bijbel Open
Leestijd: 5 minDoor Jan Martijn Abrahamse
In de oosters-orthodoxe kerk wordt deze tekst gelezen tijdens de viering van Theofanie (ook wel Epifanie genoemd), het feest van Gods verschijning. Dat vind ik een rijke en bevrijdende gedachte, omdat het ons impliciete idee doorbreekt dat Gods komst in Jezus een uitzondering is op zijn gebruikelijke afwezigheid.
Theofanie herinnert ons er juist aan dat God altijd aanwezig is – en dat er momenten zijn waarop Hij zich laat zien. De vraag is dan niet óf Hij komt, maar of wij zijn verschijnen weten te herkennen.
Matteüs opent zijn theofanie, de eerste publieke verschijning van de volwassen Jezus, met het onverwachte en ontregelende optreden van Johannes de Doper. Johannes neemt de profetenmantel op en zet Israël op oudtestamentische wijze onder druk: vanuit de wildernis roept hij op tot bekering, zoals vele profeten voor hem deden. De toon is urgent: er móét iets veranderen, want God staat op het punt zich te tonen!
Afwijkend is Johannes’ dooppraktijk, die hem zijn bijnaam gaf. Hoewel reinigingsrituelen met water toen niet ongewoon waren, presenteert hij de doop als teken van inkeer en voorbereiding op degene die zal dopen met de heilige Geest en met vuur (vers 11). Net als activisten die bekladden, bezetten of zich vastketenen, geeft Johannes met zijn praktijk een zichtbaar signaal dat de tijd van wegkijken voorbij is. Bruusk en ontwapenend, bedoeld om wakker te schudden, trekt hij uiteenlopend volk: oprechte zoekers én kritische omstanders die zich afvragen welke beweging hier wordt ingezet.

Nieuw: de gratis Visie-app!
Of je nu op de bank zit, onderweg bent in de trein of op vakantie in het buitenland: met één tik op je scherm duik je in hoopvolle verhalen, inspirerende interviews en alle digitale edities van Visie
De relatie tussen Johannes en Jezus is wat mysterieus. Zonder woorden is daar herkenning als Jezus ten tonele verschijnt. Johannes die optreedt met water, wordt opgevolgd door Jezus en de Geest. De mindere bereidt de weg van de meerdere. En dat leidt dan ook tot verwarring: moet Johannes Jezus dopen? Waarvoor? Hoe zit dat? Jezus beantwoordt Johannes’ weigering met die wonderlijke zin: “Want zo dienen wij de gerechtigheid geheel en al tot vervulling te brengen.”
Welke ‘gerechtigheid’ bedoelt Jezus hier? De tekst suggereert een moment van wederzijdse erkenning: Johannes wijst op Jezus als degene wiens weg hij heeft voorbereid, terwijl Jezus Johannes’ bediening bevestigt door de doop te ondergaan. Maar het gaat verder: ‘alle gerechtigheid’ moet vervuld worden. Bij Matteüs is gerechtigheid geen staat van morele perfectie, maar een actieve manier van leven in gehoorzaamheid aan God (vgl. Mat. 5:20; 6:1, 33; 21:32). Door zich te laten dopen, volgt Jezus de Messiaanse weg die Johannes aanwijst.
Het is de eerste keer dat Jezus in dit Evangelie zichtbaar wordt en zijn bediening begint – en het is Johannes die dit opmerkt en ons voorhoudt: Immanuel, God is met ons, en wij moeten leren Hem te zien.


Kom op 5 juni naar het grootste worshipconcert van Nederland
Ontdek meer